Op 9 oktober jl. vond weer de jaarlijkse OZO D-day
plaats in Oosterbeek.
Het was de viering van het tienjarig bestaan van de
stichting, maar de dag werd allesbehalve een feestje. Het goede was dat er
tussen de gasten nu en dan aardig werd gediscussieerd - met de geringe drukte
kon dat ook makkelijker dan ooit, eigenlijk.
Maar de historisch lage opkomst dwingt het bestuur
ertoe om het beleggen van deze bijeenkomsten te heroverwegen - of deze in de
toekomst op een andere leest te schoeien.
Misschien zullen er zich dwingende situaties
voordoen waarin de materie zo indringend aan bod komt dat het wenselijk is dat
OZO zich daar laat zien. Die situaties zouden dan aanleiding kunnen geven tot
het inderhaast improviseren van bijeenkomsten in de buurt van waar het onheil
zich afspeelt. Voor een vaste donateursdag lijken de dagen echter wel geteld.
Gemproviseerde bijeenkomsten hebben meestal een
zeer korte aanlooptijd, wat het noodzakelijk maakt dat bestuur en donateurs
elkaar over en weer snel kunnen raadplegen en vinden.
Dat is op een niet-opdringerige wijze eigenlijk
alleen maar mogelijk via e-mail (EM).
Gelukkig werd er op deze, mogelijk laatste, D-day
nog wel een veelbelovend plan bedacht dat later preciezer werd uitgewerkt.
Dit plan behelst het op de website van de stichting
ter inzage leggen van flinke aantallen gevarieerde beschikkingen en rapportages
(van RvK en BJZ en andere "aanbieders") - open en bloot, maar wel
geanonimiseerd. Ook deze vorm openbaarmaking is effectief en strekt tot schande
van de organisaties en rechtbanken die hun werk onvoldoende precies en
onvoldoende oplettend uitvoerden en controleerden - dit natuurlijk in de
geruststellende aanname dat daarvan toch geen hond iets zou merken.
Onze, vooralsnog bescheiden, vorm van
openbaarmaking zal echter wel degelijk een terugkoppelingseffect naar het
systeem hebben. De tijd zal leren of de heren en dames in het recht hun
luchtige houding daardoor zullen loslaten.
Vaste spreker mr. Prinsen had in zijn voordracht
nog benadrukt dat de trein die door wetgever en rechtspraak op gang is
gebracht, op topsnelheid richting de afgrond dendert.
Die dodemansrit is niet meer te stoppen en slechts
clubs als OZO - liever meer dan minder - zouden misschien toch nog iets kunnen doen om de fatale afloop te
temperen, zo merkte hij op.
In de nieuwe wet zijn namelijk volstrekt
willekeurige, extreem oncontroleerbare en gezinsbedreigende redenen ten
grondslag gelegd aan ingrijpen door de overheid in gezinnen.
De eerste is:
"Dat het kind in de knel komt, of dreigt te geraken, tussen de
ouders". Ga maar recht zitten: "in de knel". Dat klinkt ronduit
bedreigend.
De tweede reden was eerst; "Dat er een
situatie is die een ernstige
bedreiging vormt voor het belang van het kind". Maar dankzij een wakkere
motie van het CDA, dat "niet wil hoeven wachten" op escalatie en dus
graag iets eerder - "wat men graag tijdig noemt" - wil kunnen
ingrijpen, werd daarin het woordje "ernstig" geschrapt. Deze
schokkende motie haalde het nog ook, in ons parlement en...
De tweede reden voor
gezins-ingrijpen werd: "Dat er een situatie is die een bedreiging vormt
voor het belang van het kind".
Ziehier de parlementair bedachte en goedgekeurde
"bedreiging" van het gezin, een zuivere aanval op de gezinsautonomie.
Want wie denkt dat hij zelf mag vaststellen wanneer
er in zijn gezin sprake is van "bedreiging" of "knel", die
heeft het mis. Dr hebben wij dat duurbetaalde en elk jaar nog duurder
wordende Bureau Jeugdzorg voor, met dat loket dat "Advies- en Meldpunt
Kindermishandeling" heet, u weet wel, van al die tv-spotjes (men spaart er
uw geld noch uw moeite voor). Daar hebben wij ook nog de Raad voor de
Kinderbescherming voor. En dat hebben wij met ons allen toch maar mooi voor
elkaar gebokst - lang leve de democratie.
De gevolgen van invoering van de nieuwe wet laten
zich makkelijk raden.
Wanneer in het vervolg een (kinderloze en/of
pedofiele en/of ongeletterde) maatschappelijk werker die bij BJZ op de
loonlijst staat, van mening is dat een jongetje of meisje een btje wordt
bedreigd, dan zal dat kind zonder veel mitsen of maren uit huis worden
geplaatst. Bijvoorbeeld naar een bevriend stel dat het kind misschien ook nog
kindvriendelijk kan leren dat pedofielen heel aardig zijn, veel aardiger dan
vaders in ieder geval, of dat kinderloze moeders veel beter en liever en
moederlijker zijn dan de echte moeders die hun kind in barensnood ter wereld
brachten. Of zoiets.
Wie deze opmerking wat al te zout vindt, gelieve
zich te realiseren dat kinderen veel en veel vaker worden misbruikt, gestraft,
geslagen, gepest, vernederd en mishandeld door vreemden, dan door hun eigen
ouders. Aan die ouders heeft de
evolutie miljoenen jaren werk gehad. De daarbij zo geduldig ingebakken
trefzekerheid en kwaliteit van dat evolutionaire werk wordt op nog niet n
procent benaderd door het volgen van enkele jaren pedagogische academie of
aanverwant - gewoon omdat mr in zo korte tijd en voor zo jonge mensen
onmogelijk is.
Opvoeding is een uiterst subtiel
tweerichting-verkeer dat over en weer zeer getrainde en jarenlang op elkaar
afgestemde chauffeurs vereist. Dat kan niet worden aangeleerd met een paar
praatsessies op de pedagogische academie of in multi-disciplinair opgezette
theekransjes.
Al met al eindigde deze donateursdag dus in mineur.
Qua wetgeving gaat de klok terug naar 1972 en alle gedane moeite, alle bereikte
resultaten, hoe klein soms ook, gaan in n veeg van tafel.
Volgens de wetgever is er een geheel nieuwe
situatie ontstaan (wie dat niet gelooft maken zij wel wat anders wijs) en ligt
er thans een nieuw Utopia om de volgende straathoek op elke moderne mens te
wachten die in parlementaire sprookjes wil geloven.
Ook OZO kan in deze nieuwe context opnieuw
beginnen, wat wij natuurlijk ook zullen doen.
Geruggesteund door de troost dat althans onze
folders niet opnieuw hoeven te worden bedacht en gedrukt. Want ons gedachtegoed
staat als een huis: onveranderlijk, onverstoorbaar, altijd - in deze van God en
verstand en hart verlaten, troosteloze, Stalinistische samenleving.
Dat bleek toch weer wel op onze D-day.
Overpeinzing
Als RvK en BJZ zich de voorbije jaren met al hun
mankracht en kapitaal alleen maar bezig hadden gehouden met Het Hofnarretje (en
met al die andere crches waar met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid
hetzelfde soort mensen werkt als op Het Hofnarretje), dan was een enorme berg
ellende voorkomen en dan was de samenleving nu veel beter af en veel gelukkiger
geweest.
Niet alleen in kringen van de crche-ouders, maar
ook in die van de gescheiden en de niet-gescheiden ouders. Kamerbreed dus, zeg
maar.
En dat terwijl RvK en BJZ en de chrches volledig,
of vrijwel volledig, door de staat worden gefinancierd.
Een mens zou haast gaan denken dat met
staatsfinanciering alleen maar ellende wordt geproduceerd.
Het
Belang van het Kind -
is dat
een eigen advocaat?
In het Algemeen Dagblad van 31 oktober jl. het
bericht dat de Kinderombudsman Marc Dullaert, die op 1 april van dit jaar werd
genstalleerd, van mening is dat een kind in echtscheidingsprocedures zijn
eigen advocaat zou moeten hebben.
Weliswaar wil Dullaert eerst beschikken over
cijfers, feiten en harde bewijzen, maar dit eerste signaal van de richting
waarin hij denkt, stemt niet gerust. Want wat is er nu echt aan de hand?
De boosdoener bij uitstek in echtscheidingszaken,
is het systeem. Het systeem van rechters en advocaten en hulpverleners, van
o.a. Bureaus Jeugdzorg niet te vergeten, die met elkaar vechten om de kippen met de gouden eieren.
De boosdoener is niet de systeembekommernis dat de ouders hun kind zouden verscheuren
- want dat doen ouders niet. Daar
heeft de werking van miljoenen, zelfs miljarden, jaren evolutie waarin
ouderzorg als de ultieme overlevingsstrategie werd uitgeselecteerd, wel voor
gezorgd.
Doordat het actuele rechtssysteem de meest
meedogenloze ouder beloont met het hoofdverblijf, lokt het een strijd uit die
lijkt te gaan over het kind, maar die in wezen een strijd van de ouders is om
lijfsbehoud: want wie zijn kinderen verliest, verliest de zin in zijn leven. Zo
simpel is dat. Het systeem roept dus de evolutionaire reflex op die ouders tot
het uiterste drijft om hun kinderen te beschermen.
De kunstgreep van een advocaat voor het kind maakt
deze systematische herrie, onzekerheid en angst alleen maar... groter.
Dullaert noemt drie voorbeelden om de gegrondheid
van zijn opvattingen aan te tonen.
Ten eerste het geval van Sander, die door zijn
moeder werd gedwongen een verhaal op te hangen bij de rechter waardoor hij aan
haar werd toegewezen. "Een schrijnend verhaal", meent Dullaert.
Maar zou een eigen advocaat het er voor Sander
beter op hebben gemaakt? In dat geval had zijn moeder hem immers allicht nog
meer onder druk moeten zetten. Was dat dan beter geweest?
Ook de impliciete veronderstelling dat Sander wl
zou durven jokken tegen de rechter maar niet tegen zijn eigen advocaat is
ronduit buitensporig door de ingebouwde zware motie van afkeuring jegens de
rechter en het rechtssysteem. Zou Sander inderdaad beter gediend zijn met een
eigen advocaat, dan ligt de oorzaak daarvan immers bij het falen van de rechter
en de advocaten van de ouders, niet in een gebrek aan vaardigheden of
bekwaamheden van Sander zelf.
Die eigen advocaat is voor Sander beslist het
verkeerde middel tegen de verkeerde kwaal.
Het tweede geval dat Dullaert noemt is dat van Anna
die al een half jaar thuis zit omdat zij op geen enkele school terecht kan. Dat
mag inderdaad heel vervelend zijn, maar dat het probleem zich niet had
voorgedaan als Anna bij de scheiding van haar ouders een eigen advocaat had
gehad, wordt op geen enkele manier duidelijk gemaakt in het AD-artikel. En dat
is ook op zichzelf absoluut niet aannemelijk te maken.
Over Anna wordt wel wat gespeculeerd en
gesuggereerd, maar dat een eigen advocaat dat allemaal had voorkomen, is iets
dat de brave krantenlezer maar op gezag van Dullaert moet geloven, want een
objectieve poot om op te staan, heeft die gedachte niet.
Het derde voorbeeld dat de Kinderombudsman noemt,
is dat van de homoseksuele Dave, die vanwege zijn geaardheid klappen opliep.
Heel erg, zeker. Tjonge.
Maar als de Kinderombudsman denkt dat een eigen
advocaat in een echtscheidingsprocedure de samenleving had weerhouden van dit
geweld, wordt het tijd dat hij zijn schoolgeld gaat terugvragen en een ander
vak gaat beoefenen.
In feite is de campagne van de Kinderombudsman voor
een eigen advocaat voor het kind dus het pleidooi voor een verkeerde remedie
tegen de ziekte die het Familierecht bezoekt.
De ondermijning van het Familierecht wordt
geregisseerd in de rechtszalen waar kinderrechters naar willekeur over leven en
dood van hele gezinnen beschikken. Met geen andere onderbouwing dan het
theewater-gevoel van de moderne auguren in hulpverlening en jeugdzorg.
Dit probleem is een logisch gevolg van de
moeilijkheden-en-strijd sfeer die in het Familierecht met zijn moraliteiten en
zijn twee advocaten zo ijverig in de hand wordt gewerkt.
Dat leidt tot de fameuze conclusie dat niet het
kind een eigen advocaat moet hebben in de zittingen van de kinderrechters, maar
Het Familierecht zlf.
Er zou een advocaat bij de zitting aanwezig moeten
zijn wiens enige taak het is om de voor het leven benoemde rechter bij de les
van de wet te houden: "Wat nou: moeder moet zo'n eind fietsen voor de
boodschappen dat zij het kind niet voor 19.30 uur kan brengen? Wat nou: vader
heeft het zo druk dat hij alleen een halve zaterdag aan omgang kan
besteden? De wt bezegelt het
recht op omgang en verzorging tussen kind en beide ouders, en dat recht - over
en weer - hebben partijen maar te respecteren, edelachtbare. Dus zij
zoeken maar een oplossing, en u gaat maar terug in uw hok!".
Een advocaat die niet naar de zielige moeder, niet
naar de stoute vader en niet naar het bitter wenende kind kijkt, maar alln
naar de wet, die zou nog wel eens iets goeds (iets wettelijks dus) kunnen
bewerken.
De advocaten van de ouders zitten te diep in de
putten van hun clint om nog over de rand te kunnen kijken en te constateren
dat daar buiten nog een wereld aan oplossingen op hen wacht.
En er is zeker geen behoeft aan nog een advocaat
die bij het kind in de put kruipt. Want in die put horen geen advocaten. Daar horen alleen gezinsleden. Dt is
de natuur.
Voor de rechter, die dan (godzijdank!) helemaal
passief kan blijven, is er geen andere taak meer dan na afloop de neuzen te
tellen en te wegen.
Zouden die alle een andere kant op wijzen, dan
volgt de rechter de neus van de rechtsstaat-advocaat. In andere gevallen tellen
de meeste neuzen. Of stemmen.
In het strafrecht zou een soortgelijke constructie
het aantrekkelijke voordeel hebben dat vormfouten niet meer automatisch tot een
veroordeling of vrijspraak zouden leiden. De derde man staat ook daar namelijk
in feite buiten de ring maar heeft ook daar de zwaarste stem. En kan zo dus
ongelukken voorkomen. Inderdaad is dit precies de taak van de derde man: ongelukken
voorkomen.
Als de Kinderombudsman met een voorstel van deze
strekking was gekomen, was op het OZO-hoofdkantoor de vlag uitgestoken. Dan was
immers bewezen dat deze eindelijk had ontdekt waar de Familierechtenschoen nu
eigenlijk precies knelt.
Zoals het nu is, staat de barometer ons eerder op
somber en naargeestig.
En dus houden wij er manmoedig en op eigen kracht
de moed maar in.
Dat moet ook wel, want bovenop de falende
rechtspraak is er tegenwoordig opeens de wetgever die gevaarlijke, zelfs stalinistische
trekjes is gaan vertonen - zoals mr. Prinsen duidelijk maakte op de laatste
D-day.
Het is een beetje vervelend dat OZO zo relatief
machteloos lijkt, maar zo lang er ten gevolge van onze opvattingen en ons werk jaar in jaar uit NUL kinderdoden te betreuren zijn, tegen
tientallen bij de door de rechter gecontroleerde Jeugdzorg, zal ook de
Kinderombudsman zich toch een keer achter het oor moeten gaan krabbelen.
Het
Belang van het Kind -
is dat
een opvoedcursus?
Die nieuwe Kinderombudsman is er inderdaad maar
druk mee. In het Algemeen Dagblad van 24 november jl. het bericht dat hij nu
ook van mening is dat ouders een opvoedcursus moeten krijgen voor zij aan
kinderen (mogen) beginnen. Dit als middel in de strijd tegen
kindermishandeling, waarvan elk jaar 118.000 kinderen het slachtoffer zouden
worden.
Alleen al dat aantal: geen 115.000, nee, en ook
geen 120.000, maar het precieze 118.000. Kennelijk gelven de experts hun eigen
expertise en schattingen ook nog. Maar toch maar even rekenen.
In de laatste tien jaren worden er jaarlijks
gemiddeld zo'n 190.000 kinderen geboren. Dat worden er rap minder, maar
voorlopig heeft Nederland nog wel een kleine vier miljoen minderjarigen.
Daarvan worden bijna drie procent (ca 120.000) jaarlijks slachtoffer
worden van mishandeling, volgens de Kinderombudsman.
Dat zullen niet elk jaar dezelfde kinderen zijn,
maar ook niet elk jaar allemaal andere kinderen.
Een conservatieve, veilige schatting leert dan dat
zo'n tien procent van alle kinderen ooit slachtoffer is geweest van
"mishandeling" - een niet nader gedefinieerde begrip.
Dat nu lijkt een grove overschatting: wie een keer
een voetbalveld bezoekt waar een hele boel pupillenelftallen tegen elkaar lopen
te voetballen, die kan niet geloven dat op elk speelveld n of tw slachtoffers rondlopen. Naast de
vier arme sloebers die uit gebroken gezinnen komen, wel te verstaan, over wie
men het nooit heeft.
Wie de ouders om de velden ziet staan, die weet dat
deze schatting niet kan kloppen. Er zijn inderdaad ouders die veel te fanatiek
zijn, maar zij zijn een kleine minderheid die ook nog eens door de andere
ouders meestal op de vingers wordt getikt of wordt gemeden als de pest.
Afgezien daarvan is de op gebakken lucht en
sprookjes gebaseerde veronderstelling dat een opvoedcursus vooraf al dat
veronderstelde kinderleed zou kunnen voorkomen, puur bedrog.
"In elke schoolklas zit een kind dat wordt
mishandeld", dat zou blijken uit recent onderzoek, aldus het AD. Wie denkt
dat dat verholpen kan worden door alle (andere!) ouders verplicht een
opvoedcursus te laten volgen, is echter niet goed bij zijn hoofd. Die kn niet
goed wijs zijn.
De deskundigen, aldus opnieuw de krant, verwachten
nog meer rampspoed nu de crisis om zich heen grijpt en de mensen het moeilijker
krijgen.
Daarin zou de grote ombudsman eigenlijk reden
moeten zien om een campagne starten met het doel alle ouders te leren beleggen
op de beurs. Zodat zij allen rijk kunnen worden en voor goede, veilige gezinnen
kunnen zorgen: Alle ellende de wereld uit, te beginnen in Nederland.
Dat is toch ongeveer de conclusie uit al die
geuite, gecombineerde zorgen en observaties?
Helaas, maar niet onverwacht, is een meerderheid
van de Tweede Kamerleden het eens met onze wakkere Kinderombudsman.
Die door ons allen gekozen meerderheid is dus
gewoon, ronduit, vierkant en recht voor zijn raap: gek. Of houdt de burger voor
de gek.
Want een opvoedcursus zal niet effectief
blijken, niet effectief kunnen zijn.
Er zal geen enkele "deskundige" te vinden
zijn die durft te garanderen dat zo'n cursus (met objectieve, voorspelbare
uitkomsten dus) met succes kan worden gegeven aan alle ouders in spe.
Er zullen ouders zijn die voor hun examen zakken en
die vervolgens protest aantekenen: "Alleen omdat ik dyslectisch
ben", of "Mijn stamboom
gaat terug tot in de woestijn en bestaat uit een lange opeenvolging van
gezonde, sterke, samenhangende families - waarom zou ik dan opeens niet als
ouder geschikt zijn?". Er zullen ouders zijn die, als met het rij-examen,
tien keer of vaker zullen opgaan en uiteindelijk een keer slagen. Zijn zij dan
toch goede chauffeurs of ouders? En die lange-traditie ouders niet?
De Kamerleden kunnen natuurlijk hun ongelijk
erkennen. Dat is echter wel heel moeilijk voor deze schranderen der
samenleving, die dus liever - noodgedwongen - een alternatieve route zullen
volgen om hun politieke keuzen toch door te zetten. Die route zal liggen in een
toekomst met een verbod op natuurlijke concepties, zwangerschappen en
bevallingen. Met kinderfabrieken waarin in vitro fertilisaties zullen worden
uitgevoerd, de embryo's worden uitgebroed en de kinderen door de eerste jaren
heen geholpen. Waarna de, inmiddels uitermate streng en goed opgevoede en
genstrueerde ouders, ze eenmaal in de veertien dagen onder begeleiding en
toezicht zullen mogen ontmoeten.
Pas als dat door de jaren heen goed lijkt (!) te
gaan, zal men de ouders toestaan om ook eens met hun kind buiten de deur een
verantwoord, suikervrij fruitijsje te gaan halen.
En uiteindelijk, wanneer de kinderen meerderjarig
zijn, tja, dan is het aan hen om hun ouders al dan niet te bezoeken. Dan zijn
zij immers volwassen en moeten de arme schapen zich van de wetgever zelf maar
beschermen. Ja ja, de wet is hard, maar wet is wet.
Dan wordt het ook stilaan tijd dat deze kinderen
zelf de preventieve opvoedcursus gaan bezoeken, want zonder dat valt er ook
voor hen natuurlijk nog niet te dnken aan het genot en voorrecht van eigen
kinderen te hebben.
Mishandeling, verwaarlozing, misbruik en
liefdeloosheid zijn van alle tijden. Weest dus allen op uw hoede en waakzaam!
Ja! En dan met onze kinderombudsman n onze Tweede Kamer: p naar een Brave New
World.
OzoMottO: Op lijken bouwt men niet
Als (voorlopig?) laatste OzoMottO in de reeks dit ietwat terminaal klinkende parool, dat echter een verwijzing is naar een ook nu nog springlevende gewoonte in de hulpwereld. De gewoonte namelijk om in rapporten die worden geschreven ter ondersteuning van adviezen aan de rechter, veelvuldig - zo niet uitsluitend - gewichtig-deskundig op lijken te bouwen:
"... de ouders lijken niet in staat om het eens te worden over..." etc.
"... de kinderen lijken daardoor in de knel komen..",
"... vader lijkt niet in te zien dat hij de kinderen zo schade berokkent",
"... voor de zo nodige rust lijkt het nodig een pauze in de omgang in te lassen..",
Eigenlijk is het een enorme schande dat de rechterlijke macht, waarvan de leden UITERAARD beter dan wie ook weten hoe rampzalig slecht het familierecht na echtscheiding functioneert, zich z door bezeten neuzel-adviseurs de weg laten wijzen. De rechters maken heel onze wereld bezeten - en zij weten het.
Hoewel... eigenlijk is een te zacht woord: het is simpelweg een grote schande dat mensen die op kosten van de belastingbetaler zijn opgeleid zich zo flagrant een klinkklaar bedrog laten aanleunen en dat zij aldus een nefast systeem overeind helpen houden - aldus de samenleving en zichzelf bedriegend en verradend.
Deze mensen hebben een van ethiek doordrongen taak op zich genomen - die van rechter - en de samenleving heeft hen daarvoor beloond met een levenslange benoeming. Verraad aan die taak heeft daardoor zowel een ethische als een sociale als een organisatorische component.
De enige functie van het lijken der deskundigen is het bij voorbaat inbouwen van een excuus voor de vroom voor mogelijk gehouden (maar in werkelijkheid zekere) vergissing in de adviezen en de conclusies "die later mogelijk zou kunnen blijken".
Om dezelfde reden waarschuwt de RvK dat de inhoud van zijn rapporten een beperkte geldigheidsduur heeft. Hoe beperkt staat er niet bij, dus morgen al kan alles anders zijn. Maar men hft daarvoor gewaarschuwd, eerlijk en open. Ja ja.
En de rechterlijke macht excuseert zich bang en braaf mee.
Het is ook zeker - inderdaad, op het tweede gezicht nog veel zekerder dan op het eerste gezicht - dat men in rechterlijke kringen heel goed wt dat men bedrog pleegt. De reden is eenvoudig: men kn het eenvoudig niet niet-weten.
Want waarom zou men anders de deuren van de zittingzalen zo krampachtig gesloten willen houden? In wiens belang is deze geheimhouding - behalve dan in het belang van de daders en boosdoeners zelf? Het belang van het kind - dit "allerhoogste belang" dat men voortdurend vertrapt en schendt - moet alleen al daarom worden afgeschaft om de huichelaars en de slechteriken hun schaamlap af te nemen. In de huidige rechtspraktijk doet dat belang het kind veel meer kwaad dan goed.
Het zijn de talrijke "wetenschappers" en rechters, die om een schaamlap verlegen zitten. Om hunnentwil moeten de deuren gesloten blijven.
De praktijk bewijst dat in het Familierecht bij uitstek het belang van het kind wordt gemangeld en verkracht door abjecte en onverantwoorde werkwijzen.
Het veelvuldige, huichelachtige gebruik van de eufemistische terminologie die zo quasi defensief op indrukken, op "lijken" is gebouwd, moet die schandelijke praktijken en werkwijzen aan het oog onttrekken.
In werkelijkheid echter bouwen deskundigen en rechters hun carrires en hun welstand uiteindelijk op het lijden en sneven van rechtzoekenden en hun kinderen.
Een beetje onfatsoenlijk toch wel, eigenlijk. Want op lijken bouwt men niet.
Na al die jaren van zoeken naar treffende motto's is het weiland van het familierecht wel zo'n beetje afgegraasd.
Steeds is geprobeerd om vanuit een nieuwe invalshoek de materie te benaderen en dan een houtsnijdend motto te formuleren om zo uiteindelijk het mijnenveld dat bij een scheiding door het systeem wordt gecreerd, in kaart te brengen.
Die opdracht is nu wel voldoende nauwkeurig geklaard.
Het overzicht van alle OMO's (per jaargang en editie-nummer):
2008 No 4 Doe alle relatie-
en gezinstherapie in de ban
2009 No 1 Geef gezinnen hun autonomie terug!
2010 No 2 Verbied Alle
Verspilling
2010 No 4 Weg met alle
dogmas
2011 No 1 Gij Zult Zoeken!
(naar oplossingen)
2011 No 2 Kinderrechter + Raad = Onraad
2011 No 3 Laat het gezin met rust
2011 No 4 Op lijken bouwt men niet
Achteraf zijn hierin duidelijke overlappingen waarneembaar. De invalshoeken lijken op, de wegen uitgetekend. Wij zijn uitgedacht.
Dit denkwerk blijkt nu in enkele kernmotto's samen te vatten:
1. Voor ouders:
- voer verzet tegen
het systeem, ook als dat riskant lijkt, want wie wijkt voor chantage lokt
chantage uit en zonder verzet gaan uw geliefde broers, zussen, kinderen en vrienden er
ook aan,
- voer nooit verzet tegen elkaar
2. Voor alle betrokkenen: Zet het gezin centraal,
niet het kind, niet de ouders, niet de deskundigen
3. Voor alle betrokkenen: Ga uit van harde feiten,
negeer meningen
4. Voor rechters: zoek oplossingen,
negeer (praten over) problemen,
en alle "belang-van-argumenten"
In de toekomst zal OZO zich richten op de dagelijkse praktijk en die nog meer concreet op de korrel gaan nemen. Bovenstaande levert zo enkele criteria waaraan beschikkingen en rapporten kunnen worden getoetst.
Op de OZO-website komen eerst nog veel meer geanonimiseerde oude beschikkingen en rapporten te staan. En met ingang van 2012 zullen nieuwe stukken van een kantlijn worden voorzien waarin met n of enkele letters wordt aangegeven welke criteria zijn geschonden door de rapporteurs. Een werkwijze, overigens, die door velen wel zal worden herkend.
Enkele van die criteria zijn hier opgesomd, enkele andere werden geformuleerd na de D-day van 2010 (zie OZO-nieuws No 4 van 2010).
Er zal zo een grote, objectieve juridische database ontstaan die in wezen het effect heeft dat de deuren van de rechtszalen n die van Raden en Bureaus jeugdzorg worden geopend - of men dat nu wil of niet.
Tegelijkertijd worden in dezelfde data de fouten van het systeem precies en op eensluidende wijze aan de kaak gesteld. Op een tot stille navolging uitnodigende wijze.
Slachtoffers van het systeem kunnen eindelijk het hun aangedane onrecht etaleren en aan de kaak stellen. Er komen waarlijk andere tijden.
Zuinig door de crisis
In de eerste maanden van 2012 zullen OZO-donateurs telefonisch worden benaderd in verband met enkele actuele kwesties. Uiteraard, hoe kan het anders in deze crisistijden, draait het hierbij ook om geld. Of beter: om besparingen.
Zo vraagt de penningmeester nadrukkelijk om toch vooral een machtiging af te geven voor het innen van de (half)jaarlijkse bijdragen. Dat vereenvoudigt aanzienlijk de administratieve en financile rompslomp en de kosten daarvan.
Een tweede besparing kan worden gerealiseerd door donateurs die OZO-nieuws per e-mail (ofwel: EM) willen ontvangen.
De exemplaren voor politiek en rechtspraak blijven op papier de deur uitgaan - niets beters immers dan een memo in de vorm van een OZO-nieuws op de leestafels aldaar - maar onze eigen achterban is wellicht bereid voor de goede zaak af te zien van verzending per briefpost. De kosten daarvan belopen thans per jaar zo'n 1000 Euro - een hele slok op onze budget-borrel waarop wellicht wat kan worden bezuinigd.
Een derde maatregel die het bestuur heeft moeten treffen, is het voornemen om in het vervolg geen bijstand meer te leveren aan mensen die geen machtiging hebben afgegeven. Alle bestuursleden en medewerkers en ondersteuners van OZO werken vrijwillig en zonder enige vorm van vergoeding. Daarbij is nooit de vraag gesteld of donateurs aan wie hulp werd gegeven op hun beurt wel bijdroegen aan OZO. Maar met een meestal volle agenda heeft het geen pas om wel-betalers te passeren ten faveure van niet-betalers. Dat is het hele verhaal.
Afgezien daarvan is er, zoals altijd, gn voorkeur of verschil in de hulp die wordt geboden: voor OZO zijn het algemeen belang en de wet, het uitgangspunt. En een zo eerlijk en objectief mogelijke observatie.
In de op stapel staande bel-ronde wordt u dus bevraagd over:
1. betaling per machtiging
2. een werkend EM-adres
3. uw OZO-nieuws-voorkeur
4. evt. wat statistische data
Op grond van de resultaten zal allicht het bestand wat worden opgeschoond, wat na 10 jaar geen overbodige luxe kan worden genoemd.
Daarna zullen wij vanzelf beter in staat zijn om het werk voort te zetten en, hopelijk, de komende jaren te oogsten wat wij zaaiden.
De voortekenen daartoe zijn niet slecht.
De recente, desastreuze wetswijzigingen hebben het voordeel dat het Familierecht-scheepje er des te eerder door te pletter zal slaan op de rotsachtige kust van de praktijk. In die praktijk is er mr dat rommelt en zelfs op uitbarsten staat: het gedoe begint de samenleving zoetjesaan duidelijk op de zenuwen te werken. Het idee van de Kinderombudsman om nog maar eens een advocaat extra in de strijd te gooien, zoals elders in deze editie gememoreerd, is een uiting van die nervositeit.
In de achter ons liggende decennia hebben de zachte wetenschappen althans dat "zachte" in hun naam ruimschoots waar gemaakt. Want waar rechters op deze vertrouwden, raakten zij steevast de vaste grond onder hun voeten kwijt. Pedagogie en psychologie hebben zich, na die tientallen jaren van machteloze zwakte en mislukking, afdoende gediskwalificeerd voor het leveren van bijdragen in het Familierecht - zo zij al niet in algemene zin in het wetenschappelijke debat hun geloofwaardigheid al hadden verloren.
De enig mogelijke overlevingskans voor deze wetenschappen bestaat in het formuleren en hanteren van een wetenschapspraktijk, waarin axioma's en bewezen stellingen het primaat overnemen van de natte-vinger-benadering die al sinds Freud steeds weer wordt geprobeerd, afgewezen en opnieuw geprobeerd.
Ofwel: zachte wetenschappen moeten precies dezelfde strategie gaan volgen als de, wl succesvolle, harde wetenschappen: de wiskunde, de natuurkunde en hun afgeleiden.
De OZO-koers zal in de toekomst intussen ook veranderen. Aan strategie-ontwikkeling en aan theoretisch denkwerk hoeft geen bijzondere aandacht meer te worden gegeven: die twee peilers onder het werk van OZO zijn stabiel en duurzaam genoeg om desnoods nog een eeuw stand te houden.
Daarom zal in de toekomst het accent vooral liggen op het uiten van harde, maar eerlijke kritiek op het geklungel in de dagelijkse praktijk. De theoretische fundering onder die praktijk dient vanzelf steeds te worden getoetst en ter discussie gesteld, maar daarnaast is het ook nodig om door herhaald wijzen op het falen van dat oude systeem, de geesten der beroepsbeoefenaren rijp te maken - of murw te beuken - voor de noodzakelijke, rigoureuze verandering van hun denken.
Daartoe zullen op onze website steeds meer (geanonimiseerde) beschikking en rapporten uit die praktijk ter inzage worden gelegd. En daar gaan wij mee door tot uiteindelijk zelfs de grootste voorvechter van de huidige gang van zaken zal moeten bekennen dat er te vaak, te zwaar en te structureel wordt geblunderd. Dat er geen wezenlijk onderscheid is tussen de rapporten en beschikkingen van totaal verschillende mensen in totaal verschillende casussen. Dat het blijkbaar allemaal lood om oud ijzer is en dat het op die manier dus inderdaad niet kan werken.
Het bestaan van de wettelijke en juridische knoeiboel kan slechts worden bewezen door een dergelijke, voortgaande toetsing van de dagelijkse praktijk.
Daarom is het plezierig om te kunnen melden dat er meer hulp beschikbaar is gekomen voor dit werk. OZO zal dus groeien in slagkracht en geduchtheid en dat is goed nieuws.
Men hoeft geen tien seconden na te denken om te weten dat het familierecht uiteindelijk niet heen kan om de harde werkelijkheid die dicteert dat gezinnen de bouwstenen zijn van de samenleving en dat die als zodanig daarom niet meer uiteen mogen worden gerukt. Dat daarom ook wetgever en rechter en quasi-deskundigen met hun tengels van het gezin moeten afblijven zolang zich daar geen bewezen, criminele feiten afspelen. Dat een samenleving slechts kan overleven wanneer gezinnen een fatsoenlijke, en zelfs beschermde, kans van bestaan wordt geboden.
Daarna zal hier de zon weer schijnen, zal het gras weer groeien en zullen kinderen weer zingen.
Waar een crisis al niet goed voor is.
De kwaliteit van E-Quality
E-Quality is
het gesubsidieerde instituut en kenniscentrum van de Nederlandse overheid voor emancipatie, gezin en diversiteit. Het
is er voor beleidsadvies, beleidsimplementatie en praktijkgericht onderzoek
daaromtrent. Het verzamelt feiten, cijfers, onderzoeksgegevens en
praktijkvoorbeelden, ontsluit en verspreidt actuele en betrouwbare informatie
en stimuleert het maatschappelijk debat. Daarbij zegt E-Quality dwarsverbanden
te leggen tussen de terreinen gender, etniciteit, gezin en diversiteit. Met als
doel het bevorderen van gelijke behandeling, individuele ontplooiing en
gelijkwaardige ontwikkeling van alle mensen.
Het klinkt mooi
en vertrouwensvol. Ook de naam, E-Quality, zo heel betrouwbaar in het Engels. We
worden graag door onze overheid beschermd. Of worden we in slaap gesust? Twee
recente voorbeelden.
Het rapport
Vaderschap 2.0 merkt op: Professionals richten zich nu (on)bewust op moeders en geeft de
aanbeveling Professionals, negeer vaders niet langer, neem ze serieus. Vaders
hebben een belangrijke rol in de opvoeding en kunnen daarbij steun gebruiken.
Zie: http://www.e-quality.nl/e-quality/pagina.asp?pagkey=148873
Matig
taalgebruik, hoopgevende boodschap. Maar op 29 september j.l. gaf E-Quality commentaar op de
Rijksbegroting., zie:
http://www.e-quality.nl/assets/e-quality/publicaties/2011/CommentaarRijksbegroting2012.doc
Het woord vader
komt er niet in voor, maar moeder ca 65 keer.
Dus wat is en wat
wil E-Quality? Er werken uitsluitend vrouwen. En hoe luidde dat spreekwoord
alweer? Als de vos de passie preekt, boer pas op je kippen. U bent
gewaarschuwd.
Op weg
naar een wet op gedeeld ouderschap in Bermuda
De discussie over ouderschap na scheiding
speelt in de hele westerse wereld. In deze kerst- en crisistijd is het
bemoedigend te zien dat het in sommige landen de goede kant op gaat. Hier
citeren we uit de troonrede van 10 november 2011 door de Minister van Jeugd,
Gezin en Sport van Bermuda.:
De rol van de Bermuda Family Council wordt
uitgebreid. De Council wordt gevraagd om een gang naar gedeeld ouderschap te
onderzoeken en aanbevelingen te doen.
Gedeeld ouderschap behelst een gezamenlijke
overeenkomst ten aanzien van toezicht op kinderen en beschikkingen in
scheidingssituaties, waarin de zorg voor de kinderen op gelijkelijk of althans
substantieel is verdeeld tussen de ouders.
Het ministerie van Jeugd, Gezin en Sport is er mee bekend dat wetgeving met
betrekking tot gedeeld ouderschap gentroduceerd of beschouwd wordt in vele
rechtslichamen over de hele wereld.
Het Department of Child and Family Services
zal, tesamen met de Bermuda Family Council en andere lichamen, onderzoeken of
er amendementen nodig zijn op de Children Act uit 1998 om gedeeld ouderschap te
laten plaatsvinden, of dat aparte wetgeving meer geigend en effectiever is.
Het is belangrijk om ouders van mechanismen
te voorzien om hun bekwaamheid om het welzijn van de kinderen te vergroten, te
verbeteren.
Het Ministerie heeft de intentie om wetgeving
over gedeeld ouderschap te implementeren als middel om dit doel te bereiken.
Voor de volledige tekst, zie:
http://www.govsubportal.com/news/item/248-throne-speech-items-for-the-ministry-of-youth-families-and-sports