Lustrum-donateursdag

Op 15 oktober "vieren" we het eerste lustrum van OZO in het vertrouwde Oosterbeek. Uitnodiging en details vindt U separaat.

Blunders in de rechtspraak

Het staat in kranten, het wordt uitgebreid besproken in de politiek en op de buis: Meermaals zijn mensen veroordeeld voor een misdaad die ze niet begaan hebben. De burger mag de overheid daar nu op attenderen. Bij de commissie Posthumus-2 zijn nu zo'n twintig verdachte zaken aangedragen, waarvan de meeste serieus te nemen zijn.

Hoelang zal het duren voor het besef doordringt dat er in het familierecht duizenden missers begaan zijn en worden? In al die zaken waar de ene ouder zich als een sinaasappel uit moet persen om zijn liefde voor zijn kinderen te bewijzen, maar tegenover zich treft de harde rechtspraak, die maar een ding wil, en dat is rust. De tegenpartij krijgt volop kans - en hulp - om te "bewijzen" dat die rust alleen mogelijk is door de familiebanden door te snijden. Het opleggen van "rust nu" door de rechtbank betekent in de praktijk meestal "rust, een leven lang" want in twee op de drie gevallen komt het niet meer goed.

Dit is een onmenselijkheid, die iedereen, die het meegemaakt heeft, vooraf voor onmogelijk gehouden had. OZO is een verzetsbeweging die dit besef wil helpen verbreiden. Eens zal de samenleving een open oor hebben voor deze misstanden.

Mededeling ingezonden naar een landelijk dagblad

Geachte Redactie,

Net terug van vakantie las ik het artikel van Daan van Seventer van 10 juni jl.: Zorg faalt bij adoptie uit buitenland.
Grootste knelpunt bij adoptie uit het buitenland, zo wordt bericht, is het ontbreken van "gestructureerde nazorg". En het ontbreken van geld natuurlijk. Dat impliceert echter dat het probleem bij de adoptieinstanties zelf ligt: die beginnen aan adoptiezaken waarvan zij weten dat zij ze vervolgens laten lopen.

Voor een halfingewijde is dat geen nieuws, want in de overgrote meerderheid van de gevallen worden problematische situaties tussen kinderen en ouders eerder veroorzaakt en geëntameerd door begeleiders (en deskundigen), dan dat zij worden voorkomen. Dat geldt al 35 jaar nadrukkelijk voor de omgang tussen ouders en kinderen na (echt)scheiding. De conclusie is, dat de hulpwereld met grote graagte maar zonder plan of hersens haar diensten pleegt aan te bieden. Zij kent geen slagingspercentages, evolueert niet en legt nooit een controleerbare en verifieerbare verantwoording af. Maar unverfrohren claimt zij steeds vaker en nadrukkelijker haar deskundigheid. Aan journalisten de taak om de hulpwereld namens de lezers de pols te nemen: zij zijn immers de bewakers die onze bewakers in het oog houden. Het wordt tijd dat zij die taak wat serieuzer en kritischer gaan nemen.

Arthur Ross,
Stichting Ouders Zonder Omgang

Geachte lezer,
Dank voor uw e-mail, die we met belangstelling hebben gelezen. Helaas kunnen wij uw reactie niet publiceren. Wij ontvangen dagelijks een honderdtal brieven, faxen en e-mails. De redactie is daar heel blij mee, maar de ruimte om reacties te publiceren is beperkt.

Wij hopen dat u hiervoor begrip heeft.
Met vriendelijke groet,

Redactie Brieven de Volkskrant

 
De Leeftijdsladder


of: de toenemende rechten van burgers (met dank aan de donateur/inzender).

0 jaar: naam en nationaliteit; gratis mee met trein of bus.
2 jaar: naar de tandarts op kosten van het ziekenfonds.
5 jaar: de leerplicht begint.
7 jaar: (twee maal per jaar) optreden op tv en in het theater
12 jaar: gehoord worden door de rechter en mening geven; strafbaar onder het jeugdstrafrecht; met ouders meebeslissen over een medische behandeling; een Europese identiteitskaart aanvragen; naar films voor 12 jaar en ouder; vetorecht bij (eigen) adoptie; lidmaatschap van de medezeggenschapsraad voor het voortgezet onderwijs; in de jeugdhulpverlening samen met de ouders een plan opstellen.
13 jaar: lidmaatschap van de medezeggenschapsraad voor het speciaal onderwijs; licht werk buiten schooltijd in bedrijf van de ouders of op het land.
14 jaar: girobetaalkaarten aanvragen met toestemming van de ouders; oefenen voor zweefvliegbrevet.
15 jaar: een verblijfsvergunning aanvragen; kranten bezorgen en licht vakantiewerk doen; recht op het minimumjeugdloon; visvergunning aanvragen.
16 jaar: zelfstandig over alle medische handelingen beslissen; het volwassenenstrafrecht; strafblad; testament maken; aansprakelijk voor schade; einde volledige leerplicht; licht alcoholische dranken bestellen; brommer rijden met een bromfietscertificaat; een binnenvaartschip besturen (behalve in havens en kanalen); gokhallen binnengaan; naar de rechter bij onenigheid over een arbeidscontract.
17 jaar: werk in de verpleging; vijf dagen per week werken als de leerplicht achter de rug is.
18 jaar: alle rechtshandelingen zonder toestemming van de ouders; een proces aanspannen; een vestigingsvergunning aanvragen; een bankrekening openen; alimentatie op eigen rekening laten storten; actief en passief stemrecht; sterk alcoholische dranken kopen; 's nachts werken; een uitkering aanvragen; trouwen zonder toestemming van de ouders; werken met loslopende stieren en andere gevaarlijke dieren.
19 jaar: taxichauffeur worden; werken bij de politie.
20 jaar: werken bij de brandweer.
21 jaar: onderhoudsplicht van de ouders loopt af.
23 jaar: minimumloon voor volwassenen.
25 jaar: burgemeester worden.

 
Hoe zelfstandig zijn minderjarigen

Een ouder stuurde onderstaande tekst in naar aanleiding van zijn recherches naar de mogelijkheden om met een kind van 18 de alimentatieverplichtingen fatsoenlijk te regelen.

Minderjarig
Wie jonger is dan 18 jaar, is minderjarig. Dat betekent:
- dat hij onder (ouderlijk) gezag staat
- dat hij handelingsonbekwaam is

Handelingsbekwaam
In het dagelijks leven verricht men allerlei rechtshandelingen: het kopen van een treinkaartje of het sluiten van een kamerhuurcontract. Een minderjarige is, mits hij met toestemming van zijn wettelijke vertegenwoordiger handelt, bekwaam rechtshandelingen te verrichten, voor zover de wet niet anders bepaalt. De ouders worden geacht toestemming te hebben verleend, als het gaat om iets wat in het maatschappelijk verkeer gebruikelijk is voor minderjarigen. Iemand van 15 jaar kan geen huis kopen, of zelf gezag uitoefenen, maar een mp3 speler kopen is heel gewoon.
Wie zestien of zeventien jaar is, kan de kantonrechter verzoeken zijn handelingsonbekwaamheid voor bepaalde handelingen op te heffen. Handlichting komt voornamelijk voor bij het uitoefenen van een beroep of bedrijf. De wettelijke vertegenwoordiger moet voor het verkrijgen van handlichting toestemming verlenen. Door handlichting wordt men niet meerderjarig, maar men krijgt van de rechter bepaalde bevoegdheden van een meerderjarige toegekend.
De wettelijke vertegenwoordiger geeft (achteraf) toestemming voor de rechtshandeling. De minderjarige kan dus zelfstandig rechtshandelingen verrichten die in het maatschappelijk verkeer gebruikelijk zijn, omdat wordt verondersteld dat de wettelijke vertegenwoordiger toestemming heeft verleend. Maar de wettelijke vertegenwoordiger kan achteraf bezwaar maken tegen de verrichte rechtshandeling, op twee manieren:
- door een buitengerechtelijke verklaring (een verklaring die men zelf kan opstellen);
- door een uitspraak van de rechter.

Handlichting
Het is mogelijk via handlichting de handelingsonbekwaamheid van een minderjarige gedeeltelijk op te heffen.
Dit kan vanaf de leeftijd van zestien jaar. Handlichting moet aangevraagd worden bij de kantonrechter. Voor het verkrijgen van handlichting is de toestemming van de wettelijke vertegenwoordiger nodig. Meestal wordt handlichting verleend in verband met de uitoefening van een bedrijf.
Een minderjarige is bekwaam tot het verrichten van rechtshandelingen, mits deze met toestemming handelt van zijn wettelijke vertegenwoordiger en voorts de wet niet anders heeft bepaald. (Art. 1:234 lid 1 BW).
De toestemming van een wettelijke vertegenwoordiger kan slechts aan de minderjarige worden verleend voor een bepaalde rechtshandeling. Het geven van een algemene toestemming door de wettelijke vertegenwoordiger aan de minderjarige tot het verrichten van rechtshandelingen, kan niet worden verleend. (Art. 1:234 lid 2 BW).
Het is wel mogelijk een minderjarige van ten minste 16 jaar oud een handlichting te geven. Een handlichting betekend dat een minderjarige veel meer zelfstandige bevoegdheden zal krijgen. Een handlichting kan door de kantonrechter worden verleend. De handlichting wordt niet verleend tegen de wil van de wettelijke vertegenwoordigers in.
De wet geeft een onweerlegbaar vermoeden dat de toestemming aan de minderjarige is verleend indien de rechtshandeling voor minderjarigen van die leeftijd gebruikelijk kan worden geacht (Art. 1:234 lid 3 BW).

 
Oproep

Een flink aantal donateurs is vanuit de stichting geholpen met klacht- en bezwaarzaken, en met brieven en stukken voor advocaat of rechtbank. Uitwisseling van informatie tussen betrokkene en stichting gaat altijd via e-mail. Documenten worden daartoe eerst op digitale wijze ingescand. Dat wil zeggen dat de inhoud ervan als een tekst kan worden behandeld. Dus dat er woorden en zinnen of alineas uit kunnen worden gekopieerd om te worden aangehaald in de documenten waarin de donateur zijn motivatie geeft.

Wat de donateur schrijft, dient smetteloos te zijn: vrij van fouten, van onfraai taalgebruik, van onbewezen beweringen, etc. Opgenomen citaten dienen daarom precies te corresponderen met het origineel - als daarin geen fouten staan, ook geen fouten in het citaat en als in het geciteerde origineel wèl fouten staan, dan ook in het aangehaalde.

Dat stelt hoge, handmatige eisen aan het scannen, omdat het digitale document moet corresponderen met het origineel en bepaalde lettercombinaties fout kunnen zijn zonder dat dit zichtbaar is: tussen rn of m is verschil niet zichtbaar. In hoofletters wel: RN of M.
Een goede fax of fotokopie voldoet niet aan de eisen, omdat het product ervan niet als tekst kan worden behandeld. Een computer kan het woord "omgang" bijvoorbeeld in een fax niet vinden, zeker niet als er ORNGANG staat.
Regelmatig doen zich problemen voor met dat scannen. Veel mensen zijn niet erg handig op computergebied, donateurs die uit het buitenland komen hebben taalproblemen, de behoefte aan hulp is groot.

Oproep:
wie kans ziet om nu en dan faxachtige documenten of scans om te werken naar een digitaal document, en natuurlijk vertrouwelijk omgaat met de inhoud van die stukken, wordt verzocht een mailtje te sturen met gegevens over beschikbaarheid en mogelijkheden.
Vooralsnog zal deze dienst geen hoge vlucht gaan nemen, maar er zijn tijden waarin de nood hoog kan oplopen. En als ons verzet geen hulp meer kan bieden, hoe moet het dan?

 

Nogmaals de enquête

Het was verwacht dat de doelstelling van de OZO-enquête ambitieus zou blijken. Die verwachting is helaas sterker uitgekomen dan gehoopt. Veel lezers en donateurs hebben onze enquête niet ingevuld en teruggestuurd. Daarmee is het gebaar van de stichting met de portvrije retour-enveloppen tot een daad van zinloos geld uitgeven gereduceerd. Een beetje dom, misschien?

Natuurlijk is het niet iets gezelligs als een biljart- of kaartavond wat ons soort mensen bindt, maar de verkwanseling van onze kinderen. Dat maakt de club vanzelf niet gezellig.
Maar het is een absolute mensenplicht om van het leven iets te maken, om verzet te voeren tegen de domkoppen en ziellozen die onze families uit elkaar trokken, en die dat afschuiven op "de strijd tussen de ouders". Bullocks! Niks strijd tussen de ouders. Het zijn de bemoeiallen van buiten die de boel kapot maken.

Om dat aan te tonen, zijn de harde data van het OZO-profiel een geducht wapen. Maar dan moet dat profiel wel een beetje betrouwbaar en representatief zijn. Welnu: de uitwerking van de per post binnengekomen resultaten is nog niet afgerond, en ook is de techniek op de website nog niet klaar, maar het komt er allemaal wèl aan. Vooral echter is het zaak dat meer en meer mensen hun data leveren, om de stevigheid van het profiel te vergroten. Uiteindelijk zal blijken dat het voeren van verzet niet alleen nobel is, maar dat het kan nog heel plezierig kan zijn ook.

 
OzoMottO: Omzeil problemen, Zoek oplossingen

Het moeras biedt een prima metafoor voor de problematiek waarin veel mensen na hun scheiding terecht komen. Door eigen toedoen komt men in de buurt van het zompige gebied. Maar wat zich vervolgens aan moeilijkheden aandient, komt op geen enkel wijze voort uit de problemen tussen de ex-partners.
In feite wordt de ex-partner opeens aan de overzijde van het moeras wordt gezet. Het heen en weer reizen van de kinderen is dan niet meer een vanzelfsprekendheid.
Tegelijkertijd echter is het onmogelijk om te bepalen aan welke kant van het moeras het zich moet ophouden, want kinderen houden precies evenveel van beide ouders. Niet omdat die ouders hetzelfde zijn, maar omdat beide ouders precies even sterk in het kind zijn vertegenwoordigd: een onwrikbaar en onloochenbaar feit.

Een kind dat niet van zijn vader houdt, houdt dus ook niet van zijn moeder. En omgekeerd.
Voor de na hun scheiding in de hoek getrapte ouders mag dat een zekere troost zijn, het is geen geruststelling; eerder manifesteert zich hier de ramp pas echt. Wie het kind niet door het moeras tussen de ouders heen en weer laat reizen, die vermoordt het voor de helft. Wie het wel op en neer laat reizen, stelt het kind bloot aan de gevaren van het moeras zelf. Maar welke zijn dat?

Het vaststellen van een omgangsregeling is een taak voor de rechter. Die heeft echter maar een beperkt zicht op de gevaren in het moeras tussen de ouders. De wet geeft de feitelijke opdracht: "Zoek een weg. En als dat ècht niet gaat, stel dan maar geen omgangsregeling vast". Omdat de rechter geen zicht heeft (of wil hebben) op het moeras, komen er deskundigen, voor onderzoek. En dan begint de ellende.

Deskundigen doen namelijk nooit wat zij moeten doen: een weg zoeken. Zij doen wat zij altijd doen: problemen zoeken. Zelfs in moerassen die zijn doorsneden met achtbaans snelwegen, zoeken zij draaikolken waarin een kind kan terechtkomen of beesten die het schrik zouden kunnen aanjagen. Zij zien zelfs hier en daar bereklauw, een heel giftige plant!. Om nog maar te zwijgen van de zompige stukken waar zelfs een muis nog wegzakt. Het gevaar loert overal, en men concludeert dat het beter is om vooralsnog maar uit het moeras weg te blijven. Wèg omgang.

Dit onderzoeksresultaat heeft niets te maken met de ouders, niets met de vermeende ruzie tussen de ouders, maar alles met het moeras dat door de samenleving tussen de ouders wordt geprojecteerd.
Rechters laten dat toe. Advocaten zien tandenknarsend - maar, valt te vrezen, even vaak grijnzend - toe hoe een hele familie verzuipt in het nooit betreden, nooit onderzochte moeras, waarin de natuur groeit en bloeit, dieren leven en elkaar opvreten, waardoorheen avontuurlijke en minder avontuurlijke jongetjes wegen zoeken - en vinden - omdat zij zich de omweg om het moeras willen besparen. Dat gaat zo goed dat het moeras de status van beschermd gebied moet krijgen omdat er anders geen stukje zomp meer overblijft. En hulp en rechtspraak zich maar blindstaren op de vermeende gevaren.
Het kwaad wordt veroorzaakt door de rechtspraak die drijfzand zoekt in plaats van snelweg, die niet doet wat moet: oplossingen zoeken, en problemen omzeilen als die zich zouden voordoen.

Hulpverleners zijn het knechtje van de duivel, het excuus voor de rechtspraak: zij zijn medeplichtig aan de halve moord op honderdduizenden kinderen, nu volwassenen, in de laatste 35 jaar. Zij zaaiden de maatschappelijke kanker die in hoog tempo om zich heen vreet.
Kanjers van generaties met stambomen tot in de woestijn en het oude Rome, werden in luttele decennia gebroken, tot geschiedenis gemaakt. Het pad naar de vernietiging van de Twin Towers en de Boeddha beelden is geëffend door het verwoestende denken dat in het Westen de mens aan de rand van het cultureel-sociale moeras plaatste, tot paria maakte. Omgangsproblematiek is het topje van de ijsberg die "beschavingscrisis" heet.

 
Belgie: de Wet Laurette Onkelinx

Na Frankrijk heeft ook Belgie het roer omgegooid. De initiatiefneemster tot de wet is mevrouw Laurette Onkelinx, federale Vice-premier en Minister van Justitie namens de PS. Wij geven hier de wetstekst.

BELGISCH STAATSBLAD - 04.09.2006
Wet tot het bevoorrechten van een gelijkmatig verdeelde huisvesting van het kind van wie de ouders gescheiden zijn en tot regeling van de gedwongen tenuitvoerlegging inzake huisvesting van het kind.

ALBERT II, Koning der Belgen,

Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt : HOOFDSTUK II. - Wijzigingen van het Burgerlijk Wetboek

Art. 2. Artikel 374 van het Burgerlijk Wetboek,...., wordt aangevuld met een § 2, luidende :

" § 2. Ingeval de ouders niet samenleven en hun geschil bij de rechtbank aanhangig wordt gemaakt, wordt het akkoord over de huisvesting van de kinderen door de rechtbank gehomologeerd, tenzij het akkoord kennelijk strijdig is met het belang van het kind.
Bij gebrek aan akkoord, in geval van gezamenlijk ouderlijk gezag, onderzoekt de rechtbank op vraag van minstens één van de ouders bij voorrang de mogelijkheid om de huisvesting van het kind op een gelijkmatige manier tussen de ouders vast te leggen.
Ingeval de rechtbank echter van oordeel is dat de gelijkmatig verdeelde huisvesting, niet de meest passende oplossing is, kan zij evenwel beslissen om een ongelijk verdeeld verblijf vast te leggen.
De rechtbank oordeelt in ieder geval bij een met bijzondere redenen omkleed vonnis, en rekening houdend met de concrete omstandigheden van de zaak en het belang van de kinderen en de ouders. "

Art. 3. Artikel 387bis wordt aangevuld met de volgende leden :

" Onverminderd artikel 1734 van het Gerechtelijk Wetboek, poogt de rechtbank de partijen te verzoenen. Zij verstrekt hen alle nuttige inlichtingen over de rechtspleging en in het bijzonder over het nut een beroep te doen op de in het zevende deel van het Gerechtelijk Wetboek bepaalde bemiddeling. Indien zij vaststelt dat een toenadering mogelijk is, kan zij de schorsing van de procedure bevelen, teneinde de partijen de mogelijkheid te bieden alle nuttige inlichtingen hierover in te winnen en het bemiddelingsproces op te starten. De duur van de schorsing mag niet meer dan één maand bedragen. De rechtbank kan, zelfs ambtshalve, een voorafgaande maatregel bevelen teneinde de vordering te onderzoeken of de toestand van de partijen voor een termijn die zij vaststelt, voorlopig te regelen.
Ingeval een dergelijke vordering voor het eerst bij de jeugdrechtbank aanhangig wordt gemaakt, en behoudens overeenstemming van alle partijen en van de procureur des Konings, beslist de jeugdrechtbank over een voorlopige regeling. De zaak kan tijdens een latere zitting opnieuw worden onderzocht, op een datum die ambtshalve vastgelegd wordt in het vonnis, binnen een termijn die één jaar niet te boven mag gaan, en onverminderd een nieuwe oproeping op een vroegere datum, zoals is aangegeven in het volgende lid:
De zaak blijft ingeschreven op de rol van de jeugdrechtbank tot de kinderen op wie het geschil betrekking heeft, ontvoogd zijn of de leeftijd van wettelijke meerderjarigheid hebben bereikt. In geval van nieuwe elementen, kan de zaak opnieuw voor de rechtbank worden gebracht bij conclusie of bij een schriftelijk verzoek dat wordt neergelegd bij of gericht is aan de griffie. (...)"

Art. 4. In Wetboek wordt een artikel 387ter ingevoegd, luidende

" Artikel 387ter. § 1. Ingeval één van de ouders weigert de rechterlijke beslissingen met betrekking tot de huisvesting van de kinderen of het recht op persoonlijk contact uit te voeren, kan de zaak opnieuw voor de bevoegde rechter worden gebracht. In afwijking van artikel 569, 5°, van het Gerechtelijk Wetboek, is de bevoegde rechter degene die de nietnageleefde beslissing heeft gewezen, tenzij de zaak inmiddels bij een andere rechter aanhangig is gemaakt, in welk geval de vordering voor deze laatste wordt gebracht.
De rechter doet uitspraak met voorrang boven alle andere zaken.
Behalve in geval van dringende noodzakelijkheid, kan hij onder meer :
- nieuwe onderzoeksmaatregelen verrichten, zoals een maatschappelijke enquête of een deskundigenonderzoek;
- een poging tot verzoening ondernemen;
- de partijen voorstellen gebruik te maken van de in artikel 387bis bepaalde bemiddeling.
Hij kan nieuwe beslissingen nemen met betrekking tot het ouderlijk gezag of de huisvesting van het kind.
Onverminderd strafvervolging kan hij de partij die het slachtoffer is van de miskenning van de in het eerste lid bedoelde beslissing toestaan een beroep te doen op dwangmaatregelen. Hij bepaalt de aard van deze maatregelen en de nadere regels betreffende de uitoefening ervan, rekening houdend met het belang van het kind en wijst, indien hij zulks nodig acht, de personen aan die gemachtigd zijn de gerechtsdeurwaarder te vergezellen voor de tenuitvoerlegging van zijn beslissing.
De rechter kan een dwangsom uitspreken om te waarborgen dat de te nemen beslissing zal worden nageleefd en, in die hypothese, stellen dat voor de tenuitvoerlegging van die dwangsom, artikel 1412 van het Gerechtelijk Wetboek van toepassing is.
De beslissing is van rechtswege uitvoerbaar bij voorraad.

§ 2. Dit artikel is eveneens van toepassing wanneer de rechten van de partijen geregeld zijn door een overeenkomst zoals voorzien in artikel 1288 van het Gerechtelijk Wetboek. In dit geval, en onverminderd

§ 3, wordt de zaak bij de rechtbank aanhangig gemaakt door middel van een verzoekschrift op tegenspraak. § 3. In geval van absolute noodzaak, en onverminderd de mogelijkheid om een beroep te doen op artikel 584 van het Gerechtelijk Wetboek, kan bij eenzijdig verzoekschrift de toestemming worden gevraagd om een beroep te doen op de dwangmaatregelen als bedoeld in § 1. De artikelen 1026 tot 1034 van het Gerechtelijk Wetboek zijn van toepassing.
De verzoekende partij moet het verzoekschrift staven met alle dienstige stukken die aantonen dat de weigerende partij daadwerkelijk werd aangemaand haar verplichtingen na te komen en dat zij zich heeft verzet tegen de tenuitvoerlegging van de beslissing.

Gegeven te Brussel, 18 juli 2006.

ALBERT

 
Utrechts amendement op het PvdA-Verkiezingsprogramma Kamerverkiezingen 2006

In de PvdA Afdeling Utecht is op 14-9 het volgende amendement aangenomen: Terugbrengen van vaders, moeders en grootouders in het leven van scheidingskinderen waar dat verantwoord is door aanpassing van het familierecht naar Belgisch voorbeeld:

"Ook na een scheiding hebben zowel de vader als de moeder gelijke rechten én plichten ten aanzien van hun kinderen. De PvdA gaat het familierecht zo aanpassen dat ongelijkheid en onrechtvaardigheid verdwijnd en stelt het belang van het kind voorop. Door wettelijke invoering van het uitgangspunt van gedeeld verblijfscoouderschap na scheiding - naar model van de op 4 september 2006 ingevoerde Wet Laurette Onkelinx worden vaders, moeders en grootouders weer teruggebracht in het leven van scheidingskinderen waar dat verantwoord is."

Dit amendement zal op 30-9 en 1-10 a.s. ter stemming gebracht worden tijdens het landelijke verkiezingscongres. Dit is een enorme vooruitgang, aanname zou een 180 graden draai ten positieve betekenen binnen de PvdA.

Echter, de klassieke fout is gemaakt om de uitzonderingen al in de opzet te noemen. Wie herinnert zich niet de wet uit 1990: "omgang mag, tenzij..." en de desastreuze gevolgen van "tenzij". OZO streeft een fundamentele herziening van de omgangsverdeling na, waarin vrede tussen ouders, in plaats van "het belang van het kind", centraal staat en bewaakt wordt.

Bij andere politieke partijen wordt ook over het thema nagedacht; daarover wordt t.z.t. bericht.

 

OzoMottO: Omzeil problemen, Zoek oplossingen

 

OZO-nieuws is een uitgave van Stichting Ouders Zonder Omgang
Verschijning : 4x per jaar
Oplage : 200 Aantal donateurs : 190
Stichting Ouders Zonder Omgang
Postbus 198, 6600 AD Wijchen
Tel. : Ma- t/m vr-avond 024 - 3970095
Fax : 024 - 3970094
E-mail : info@stozo.nl
Internet: www.stozo.nl
Bank : 66.55.48.923 ING Almere
K.v.K : 34.16.61.58 KvK Amsterdam
OZO-nieuws Stichting Ouders Zonder Omgang
www.stozo.nl
jaargang 5, Nummer 3, september 2006