Reactie vader op rapportage BJZ d.d. augustus 2003

 

 

 

In onderstaande, letterlijke weergave van de rapportage, wordt in de kantlijn steeds met een letter (of letters) aangegeven wat de (aard van de) reactie is van vader.

 

 

 

 

De betekenis van de letters:

 

A.       Ongefundeerde, uit de lucht gegrepen uitspraak of stelling
B.   Vader vecht de juistheid van het gestelde aan / het gerapporteerde is niet waar
C.   Vader is hiervan niet op de hoogte gesteld / hierover niet geconsulteerd
D.   De zin is taalkundig onbegrijpelijk

E.   De stelling klopt niet met wat elders wordt gesteld: E1 met E1, E2 met E2, ...)
F.    Tendentieuze, suggestieve, onterecht beschuldigende formulering
G.   Ten onrechte verdoezelende, vage, vergevingsgezinde formulering
H.       Nietszeggende, oncontroleerbare uitspraak
J.    Irrelevante uitspraak / in strijd met de wet
K.   Problemen zoeken of maken waar er geen (mogen) zijn
M.   Onterechte, niet afgesproken, niet terechte taakbedeling

T.    Dit bewijst uitsluitend het falen van BJZ.
S.   Selectief (door-)rapporteren, “zoeken”

U.   Door BJZ uitgelokt “probleem”

 

 

 

 

Algemene punten:

 

01.    de termijn voor het geven van een passende reactie is veel te kort en onduidelijk
          (ook gelet op de beperkingen van de zomervakantie);
02.    op nuchtere objectiviteit laat BJZ zich niet betrappen;

03.    BJZ aanvaardt kritiekloos moeders rapportages maar gaat voorbij aan die van vader;

04.     BJZ lapt het wettelijke recht op omgang van vader en kind aan zijn laars, en doet
          hetzelfde ten aanzien van het ouderlijk gezag waarmee vader is belast;
05.     BJZ regisseert foul play en bewerkt vaders ondergang, ten detrimente van Z1992;
06.     BJZ doet parmantige uitspraken in kwesties waarin het geen deskundigheid heeft;
07.     BJZ stelt wazige doelen die niet te verantwoorden zijn, en doet overigens ook geen
          poging om toetsbare uitspraken over het werk aan die doelen te doen;

08.    ten onrechte onthoudt BJZ aan vader de herhaald verzochte inzage in het dossier.


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1.

 

1.1

 

 

 

 

 

1.2

 

 

 

 

 

1.3

 

 

 

 

 

 

1.4

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

2.1

 

 

 

 

BF

BFE1

BFE1

 

 

 

 

S

S

 

 

 

 

 

K

KE2

KE2

KE2

 

E2

E2

E2

 

 

H

H

 

H

H

H

H

K

K

G

 

 

 

FG

FG

FG

FG

 

 

 

 

B

B

 

 

 

BKU

BKU

BKU

BKU

 

B

B

 

 

G

G

GH

FHS

FHS

 

H

H

H

H

 

 

B

B

B

B

B

 

 

 

AS

SG

 

J

 

 

 

 

2.2

 

DJ

DJ

 

 

 

 

 

 

3.1

 

 

 

 

 

 

 

J

JD

JDFS

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

A

AB

ABE3

E3

E3

 

B

 

 

 

 

 

 

 

 

 

3.2

 

 

B

B

BJ

BJ

 

JFS

JFS

JFS

JFS

 

AFS

 

 

E3

B

B

B

 

 

 

A

A

A

 

 

TU

TU

TU

 

BU

BU

 

 

 

 

E3

E3

 

 

A

 

U

BU

 

 

 

 

U

U

U

 

U

U

 

G

G

G

 

 

BK

BK

BKF

BKF

F

B

B

B

B

 

 

FS

FS

 

 

 

 

 

 

 

BGSBGS

 

 

 

 

 

FKS

FKS

FKS

FKS

 

 

 

 

 

 

 

B

B

 

E4

 

B

B

 

B

B

BE4

 

 

 

 

 

4.1

 

 

K

 

AH

AH

AH

AH

 

 

 

 

B

B

 

 

 

 

 

 

 

F

H

H

H

H

 

M

M

?

?

 

 

?

?

GH

M

M

 

GH

M

M

M

M

 

 

CD

CD

CD

M

 

C

C

C

BG

BG

BG

BG

BG

 

 

 

GK

GK

GK

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

?

?

?

?

 

 

 

B

 

 

AT

AT

 

 

 

4.2

 

 

JT

JT

JT

 

 

 

ST

ST

ST

ST

ST

ST

ST

ST

ST

 

 

 

 

5.1

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

B

B

FM

B

B

 

 

 

 

 

 

M

B

B

 

KE4

KJE4

KJ

KJ

 

 

AB

BK

BK

A

 

B

 

 

ABJ

ABJ

ABJ

 

 

 

 

 

 

5.2

 

 

 

 

 

 

 

 

 

B

 

 

5.3

 

B

B

 

 

B

B

BGS

BGS

BGS

 

B

B

B

B

B

 

 

BG

BG

B

B

 

FJK

FJK

FJK

FJK

BJK

BJK

BJK

 

 

FK

FK

FK

FK

KB

BT

 

BT

BT

BT

BT

BFT

BFT

BFT

 

 

 

 

J

J

J

 

 

J

 

 

 

 

T

T

T

T

 

B

B

B

 

 

BJ

BJ

BJ

 

E1

E1

 

 

FK

 

BU

BU

BU

BU

BU

J

J

 

 

 

5.4

 

H

 

H

 

 

H

 

 

 

H

 

 

 

5.5

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

5.6

 

 

T

 

B

 

BG

 

BG

 

 

 

 

 

5.7

 

T

T

 

 

 

G

GM

M

 

 

 

 

 

M

M

 

 

Jeugdbescherming Oord

 

 

 

CONCEPT Vervolg gezinsvoogdijplan

 

Kenmerk: 1117980                                                                            Oord, ii juli 2003

Naam gezinsvoogdijwerker      : Gezinsvoogd

 

 

1. Voorblad

 

1.1.  Personalia

Naam              : Naam                                               Voornamen       : Xxxx Yyyy Zzzz

Roepnaam       : Z1992                                               Geslacht          : M

Geboren           : 99-99-1992                                       Te                    : Geboorteplaats

 

 

1.2. Maatregel

Aanvang OTS                                     ii-12-2001

Laatste verlenging vanaf                    : ii-12~2002                    tot en met:           ii-12-2003

 

 

1.3. Verblijfplaatsen

 

van ii-ii-2001 t/m ii-ii-2002, soort verblijf Eenoudergezin

·     van ii-ii-2002 t/m ii-ii-2002, soort verblijf Eenoudergezin

·     van ii-ii-2002 t/m heden, soort verblijf Eenoudergezin

 

 

1.4.  Gezag

 

·     Ouder met gezag belast de heer Omgoudr, geboren te Geboren op

·     Ouder met gezag belast mevrouw Zorgoudr, geboren te Geboren op

 

 

 

 

 

 

 

2. Juridisch kader

 

Juridische basis voor de hulpverlening waardoor pedagogische doelen bereikt moeten worden: o.t.s

 

 

2.1.      Bevindingen van de Raad voor de Kinderbescherming


 

Datum rapport Raad voor de Kinderbescherming     : ii-11-2001

raadsrapportage d.d. nov. 2001

 

"In het onderzoek is naar voren gekomen dat Z1992 angstig gedrag laat zien. Moeder ziet aan Z1992 dat  hij angstig is doordat hij dan schrikkerig is, steeds oplet of vader in de buurt is en niet haar school wil. Hij krijgt buikpijn, is misselijk en moet (bijna) overgeven. Vader herkent het angstige gedrag van Z1992 op dit moment niet. Hij geeft wel aan dat Z1992 na de ziekenhuisopname op tweeënhalfjarige leeftijd problemen gehad heeft vanwege angsten.

 

Z1992 zelf geeft aan dat hij bang wordt als hij zijn vader ziet. Hij heeft zenuwen en buikpijn. Soms geeft hij ook over.

Z1992 heeft als gevolg van een lichte pervasieve ontwikkelingsstoornis een vertraagde ontwikkeling. Hiervoor is Z1992 in een spelgroep geplaatst eind 1999 begin 2000. In het begin was Z1992 angstig in het contact. Hij trok zich terug, moest leren spelen met anderen.

In het contact met de speltherapeute laat Z1992 angstig gedrag zien. Z1992 is schrikachtig, de deur van de kamer moet goed dicht en Z1992 durft niet alleen over de gang te lopen. De speltherapeute geeft aan dat het klachtgedrag meer wordt door spanningsvolle momenten. Toen de ouders gingen scheiden b.v. was er meer sprake van klachtgedrag wat zich uitte in het meer laten zien van tics.

Op school is Z1992 voor alle nieuwe dingen in eerste instantie schrikachtig en angstig. De leerkracht geeft aan dat dit sinds zij Z1992 kent altijd zo geweest is. Door herhaling en structuur went hij aan situaties en vermindert het angstig gedrag. Naast dit angstig gedrag bestaat er geen ander klachtgedrag.

 

Z1992 heeft toe hij tweeëneenhalfjaar was de ziekte van Kawasaki gehad. Dit is een ingrijpende gebeurtenis geweest voor Z1992 en zijn ouders. De ziekenhuisopname is al meer dan vijfjaar geleden en het is onwaarschijnlijk dat Z1992 daar angstig gedrag door laat zien. Wel waren ouders, extreem angstig om Z1992 naar aanleiding van de ziekenhuisopname . De ouders geven zelf aan nadien zeer beschermend te zijn geweest t.a.v. Z1992, wat Z1992 waarschijnlijk een voorzichtig jongetje heeft gemaakt. De ziekenhuisopname, de reactie van de ouders daarop, de reactie van Z1992 en de pervasieve ontwikkelingsstoornis zijn factoren die Z1992 een gevoelig, kwetsbaar (snel angstig) kind maken.

Het angstig gedrag wat Z1992 laat zien wordt ernstiger in periodes die moeilijk zijn voor hem. De speltherapeute ziet een verheviging van het klachtgedrag door spanningsvolle momenten.


De ouders zijn in december 2000 gescheiden. Z1992 is bij zijn moeder gaan wonen. Aanvankelijk verminderde het dwangmatige en aandachtvragende gedrag wat Z1992 tijdens de speltherapie laat zier als er veel spanningen In zijn omgeving zijn. Al snel na de scheiding van de ouders zijn er rondom de omgangsregeling veel problemen ontstaan.

 

 

 

Het is niet mogelijk om de ouders met elkaar in gesprek te krijgen. Beide ouders lijken erop uit te zijn om de andere ouder buiten te sluiten. Dit heeft nadelige gevolgen voor Z1992 Z1992 wordt vermalen tussen zijn ouders wat zijn ontwikkeling op een negatieve manier beïnvloed.

 

Nadat Z1992 ( sinds februari 2001) niet meer op weekend gaat naar zijn vader zoekt zijn vader hem op school op. Z1992 begrijpt het gedrag van zijn vader niet. De bedoeling die zijn vader erbij heeft kan Z1992 niet snappen Vader kan zich moeilijk verplaatsen in het kind. Z1992 kan geen twee dingen tegelijk, dat vindt hij lastig. In de pauzes op school wil Z1992 graag onbekommerd spelen met zijn klasgenootjes.


Doordat ouders niet met elkaar kunnen praten en er veel strijd is rondom de omgangregeling is er veel onrust. Z1992 wordt hier dagelijks mee geconfronteerd, zowel door zijn vader als door zijn moeder. Moeder kan Z1992 niet begeleiden in het contact naar vader toe. Zij kan niet het goede voorbeeld geven, omdat zij zelf het contact met vader uit de weg gaat. Z1992 komt hierdoor in loyaliteitsproblemen. Er is nog steeds geen rust, daarom slaapt Z1992 nog steeds bij moeder op de kamer. Moeder beschermt Z1992, de angst wordt niet minder.

Het angstig gedrag wat samenhangt met de lichte pervasieve ontwikkelingsstoornis wordt versterkt door de problemen die de ouders onderling hebben.

 

Z1992 heeft een lichte pervasieve ontwikkelingsstoornis. Hij moet leren om hier mee om te gaan, de handicap zal blijven. De angsten zullen nooit helemaal weg zijn. maar Z1992 kan wel leren om hier mee om te gaan in nieuwe situaties. Als er teveel stressfactoren in zijn omgeving zijn zal dit doel niet gehaald worden. Op dit moment is dit het geval

 

De behandeling die Z1992 krijgt wordt negatief beïnvloed door de onrust en onveiligheid in zijn omgeving en dit vormt een bedreiging voor de ontwikkeling van Z1992. De ontwikkeling stagneert.

De hulp die Z1992 krijgt slaat niet aan, omdat ouders niet aan de voorwaarden voor een goede uitgangssituatie kunnen voldoen.

 

Volgens de visie van de Raad dient er binnen de hulpverlening aandacht besteed te worden aan het verminderen van het angstig gedrag van Z1992 en hem te leren omgaan met zijn handicap. De Raad is van mening dat dit pas gerealiseerd kan worden als het rondom Z1992 rustig is en er een veilige situatie voor Z1992

gecreëerd is. Het is van belang dat ouders gezamenlijk een veilige omgeving waarborgen. Het contact met de niet verzorgende ouder zal zeker een aandachtspunt moeten zijn.

 

 

 

2.2. Doelen van de maatregel

 

·     De pedagogische gezagsrelatie is hersteld.

·     De opvoedingssituatie is hersteld of aanvaardbaar geworden.


 

 

 

 

3.  Context-rapportage

 

3.1  Voorgeschiedenis tot het uitspreken van de o.t.s.

 

De ouders van Z1992 zijn getrouwd op in 975 en de officiële scheiding is uitgesproken in december 2000. Het echtscheidingsconvenant is opgemaakt in november 2000. Beide ouders hebben het gezag.

Z1992 is enig kind van de heer Omgoudr en mevrouw Zorgoudr. Z1992 woont sinds de echtscheiding bij zijn moeder.

 In het kader van de omgangsregeling is erop 15 juni 2001 een uitspraak gedaan door de Rechtbank. Daarin wordt bemiddeling door derden aanbevolen. De rechter ziet geen reden om tegen omgang tussen vader en Z1992 te zijn. Dit is niet doorgezet, omdat de rechter hiertoe geen opdracht heeft gegeven (informatie van vader).

 

Z1992 is opgenomen geweest in het ziekenhuis i.v.m. de ziekte van Kawasaki toen hij tweeëneenhalf jaar was. Volgens de kinderarts heeft Z1992 geen nadelige gevolgen van deze ziekte overgehouden. De leerproblemen (zwakbegaafd niveau) die Z1992 heeft zijn hier ook geen gevolg van. Voor Z1992 en ouders is deze ziekenhuisopname traumatisch geweest.

Z1992 is onder controle bij kindergeneeskunde i.v.m. hartritmestoornissen. Z1992 heef hier verder geen last van en krijgt daarvoor geen medicijnen.

 

Z1992 heeft logopedie gehad in 1997 en bezoekt een school voor speciaal onderwijs, het Palet. Sinds maart 1999 is Z1992 onder behandeling van de GGZ afdeling Jeugdzorg in verband met een multipele ontwikkelingsproblematiek, met name op sociaal emotioneel gebied.

In 1999 is door de kinderpsychiater de diagnose PPD-NOS gesteld. Eind 1999, begin 2000 is Z1992 in een spelgroep (GGZ) geplaatst. Doel hierbij: Z1992 weerbaarder maken en hem beter te leren samenspelen met andere kinderen. In de loop van de therapie heeft Z1992 zich goed ontwikkeld. Hij is makkelijker gaan spelen en kan ook goed samenspelen.

 

Als Z1992 nerveus was, liet hij tics zien.

Vanaf september 2000 liet Z1992 weer meer dwangmatig gedrag zien en vroeg hij weer erg veel aandacht. Omdat de indruk bestond dat Z1992 het moeilijk had met de perikelen rond de echtscheiding is besloten om Z1992, in plaats van de groepstherapie individuele speltherapie aan te bieden . In febr. 2001 is hiermee gestart. Het thema vertrouwen komt hierin steeds naar voren; Z1992 worstelt met gevoelens van onveiligheid en loyaliteitsproblemen.

 

Vader heeft hulpverlening via het Algemeen Maatschappelijk Werk.

Bij de GGZ is dhr. Deskundig contactpersoon voor de ouders van Z1992. Hij spreekt ouders als zij vragen hebben over de behandeling, die Z1992 krijgt bij de GGZ. De heer Deskundig  heeft met ouders laag­frequent contact.

 

GGZ heeft melding gedaan bij de Raad voor de Kinderbescherming.

 


De ondertoezichtstelling is uitgesproken op 99 december 2001

 

 

3.2. Relevante gebeurtenissen en ontwikkelingen In het cliëntsysteem en de hulpverlening In de periode tussen het uitspreken van de o.t.s. en dit moment

 

Ten tijde van de uitspraak van de ondertoezichtstelling loopt er nog een onderzoek van de Raad met betrekking tot de omgangsregeling. De rapportage is inmiddels afgerond en het wachten is op de zitting Vader heeft ondersteuning van een club bij het realiseren van omgang met zijn zoon.

Tijdens de zitting voor de ondertoezichtstelling van 17december 2001 komt naar voren dat er een aanklacht ingediend is tegen vader door moeder in verband met seksueel overschrijdend gedrag jegens Z1992. De politie te Bbbbb is belast met het onderzoek en inmiddels heeft er een studio-verhoor plaatsgevonden. Uit telefonische informatie van politie d.d. 10-01-2002 komt naar voren dat er geen overtuigend en wettig bewijs is van seksueel grensoverschrijdend gedrag; er kan ook niet uitgesloten worden dat er binnen dit kader niets is voorgevallen. Derhalve is er voor de politie geen zaak.

 

De individuele hulpverleningscontacten van de GGZ te Bbbbb met Z1992 zijn stopgezet: er is zoveel onrust rond Z1992, waardoor Z1992 niet kan profiteren van hulpverlening. Z1992 is de "speelbal" tussen moeder en vader De GGZ te Bbbbb heeft zich beraden op de situatie en geeft aan op dit moment geen aanbod te kunnen doen.

 

Gezinsvoogd heeft met beide ouders afzonderlijk enkele gesprekken gevoerd.

Hierin heeft de gezinsvoogd getracht om samen met de ouders te kijken naar hun eigen aandeel in het verbeteren Van de situatie rond Z1992, met name naar de manier hoe de angst van Z1992 te verminderen. Vooralsnog zijn beide ouders erg gericht op de negatieve invloed van de andere ouder. Ouders leggen de verantwoordelijkheid voor de gespannen situatie over en weer bij de andere ouder.

Moeder wordt in grote mate in beslag genomen door het vermeende seksueel misbruik van Z1992. Moeder wil dit bevestigd zien. Moeder ervaart in de thuissituatie met Z1992 zorgelijke gedrag van Z1992 t.a.v. seksualiteit.

 

In een overleg tussen school en de gezinsvoogd d.d. 4 juli 2002 geeft school aan dat de druk toeneemt, vader houdt zich niet aan de afspraken die met school gemaakt zijn. School spreekt van fors grensoverschrijdend gedrag van vader. School maakt zich ernstig zorgen rond de veiligheid van leerkrachten en leerlingen. Gedrag van vader is zeer beangstigend voor Z1992 en de andere kinderen.

 

Door de toenemende spanning rond het gezin en school en het gegeven dat het Z1992 al gedurende langere tijd geen begeleiding krijgt voor zijn kindeigen problematiek besluit de Stichting Jeugdzorg een verzoek voor uithuisplaatsing in te dienen bij de kinderrechter.

Stichting Jeugdzorg heeft verzocht om de omgang mee te nemen in de zitting voor de uithuisplaatsing. Dit is niet mogelijk.

Op 15 augustus 2002 is de zitting voor de uithuisplaatsing geweest. Ter zitting komt moeder met nieuwe informatie: zij gaat verhuizen samen met Z1992. Moeder heeft inmiddels ook een passende school voor Z1992 gevonden Z1992 kan hier met ingang van het schooljaar 2002/2003 direct starten.

 

 

Moeder wil de
woonplek en school geheim houden voor vader om zo de rust voor Z1992 te bevorden in. Kinderrechter wijst het verzoek van de Stichting af evenals het verzoek van vader om Z1992 bij hem te laten wonen.

 

Op 25 september 2002 vindt de zitting voor de omgang plaats. Moeder vraagt gelijktijdig het eenhoofdig gezag aan.

 

De kinderrechter houdt beide zaken (omgang en eenhoofdig gezag)aan tot 99 november 2002 met het verzoek aan de Stichting Jeugdzorg om een concreet plan van aanpak te maken, in samenspraak met beide ouders, om te kunnen komen tot een onbelaste omgang voor Z1992.

 

Op 18-11-2002 wordt vader gesignaleerd aan de poort van de huidige school van Z1992. Deze gebeurtenis heeft de angst van Z1992 voor vader in heftige mate doen toenemen. Om een veilige en onbelaste schoolsituatie voor Z1992 te kunnen waarborgen heeft de gvi op 29 november 2002 vader een aanwijzing gegeven om zich niet in de buurt van school onder schooltijd op te houden. Vader heeft zich enkele malen niet aan deze aanwijzing gehouden. Vader geeft aan dat zijn aanwezigheid bij school niet leidt tot onrust bij Z1992. School geeft aan dat de aanwezigheid van vader voor Z1992 spanningsverhogend werkt. Vader heeft een verzoek in laten dienen voor vervallen verklaring van deze aanwijzing.

 

In januari 2003 vindt er een zitting plaats voor de omgang, het door moeder gevraagd éénoudergezag, en het door vader ingediende verzoek om de aanwijzing vervallen te laten verklaren. Ter zitting wordt het verzoek van vader afgewezen.

 

Met betrekking tot de omgang wordt er op 22 januari 2003 een beschikking afgegeven waarin een omgangsregeling van Z1992 met vader wordt vastgesteld " eenmaal per drie weken op woensdag van 14.00 tot 16.00 uur, voor het eerst op 5 februari 2003, ten kantore van de Stichting Jeugdzorg Noord­Brabant en onder begeleiding van een gedragsdeskundige".

De rechtbank houdt de omgang en het éénoudergezag aan tot de terechtzitting op 9 juli 2003. Omgang komt, ondanks intensieve inzet van de gvi (oa. overleg en afspraken voor omgang in het omgangshuis in Tttttt), niet tot stand.

 

Gedurende maart 2003 komt er herhaaldelijk telefonisch en schriftelijk informatie van school bij de gv waarin uitdrukkelijk aangegeven wordt dat het niet goed gaat met Z1992, dat hij zich onrustig in de groep gedraagt, zich er snel erg onveilig voelt en dat de mentale druk fors toeneemt. Conclusie van school is dat Z1992 onder een enorme psychische druk staat. School maakt zich ernstige zorgen. Gezinsvoogd doet een verzoek aan de kinderrechter om de omgang tijdelijk stop te zetten. Dit verzoek wordt ter zitting van 17april 2003 behandeld en de kinderrechter beschikt op 1 mei 2003 om de omgangsregeling voorlopig in te trekken en verzoekt de rvk om een onderzoek voor omgang en gezag.

 

Vanwege de verhuizing van moeder naar Vvvv zal de gvi de ondertoezichtstelling van Z1992 overdragen naar de unit Elders. Vanwege de wachtlijstproblematiek aldaar laat de overdracht nog op zich wachten.

 


 

Vanaf begin 2003 is de verblijfplaats van Z1992 voor vader niet langer onbekend en is er dus geen sprake meer van geheimhouding.

 

In juni 2003 Is er gedurende drie weken intensieve gezinsbegeleiding, met specifieke deskundigheid op gebied van autistische stoornissen, in het gezin werkzaam geweest.

Tijdens deze begeleiding wordt duidelijk dat het gezin ernstig in crisis verkeert. Een crisisuithuisplaatsing is noodzakelijk. Gezinsvoogd heeft diverse instellingen benaderd om te komen tot realisatie van een plek voor Z1992. Tot nu toe zonder resultaat, er is geen enkele plek beschikbaar'; daarnaast wachtlijsten. Ter overbrugging heeft de g.v. het gezin aangemeld voor crisisinterventie middels de SPD. Deze is op 99 juni 2003 gestart.

 

 

 

4.  Evaluatieverslag

 

4.1. Evaluatie van de pedagogische doelen zoals gesteld in het vorige gezins-
          voogdijplan.                
Datum vorige gezinsvoogdijplan: maart 2003

 

* Zicht op de sociaal-emotionele en seksuele ontwikkeling van Z1992.

 

Er is onvoldoende zicht op de sociaal-emotionele en seksuele ontwikkeling van Z1992. Vermeld kan worden dat de signalen, die Z1992 met name in de thuissituatie bij moeder laat zien, aantonen dat zijn ontwikkeling op alle genoemde terreinen ernstig verstoord is geraakt. Onderzoek door middel van observatie in een vierentwintig-uurs setting is dringend gewenst.

 

* Adequate hulpverlening voor Z1992. afgestemd op zijn kindeigen problematiek.

 

Begin juni 2003 heeft moeder een bureau, gespecialiseerd in de thuisbegeleiding van kinderen met een autistische stoornis, benaderd. Hulpverlening is gestart. Gezinsvoogd heeft regelmatig telefonisch overleg gehad Gezinsvoogd heeft in dit kader in juni 2003 een gesprek gehad met de directeur van de instelling en de betreffende gezinsbegeleidster waar de situatie en de rapportage doorgespoken worden. Citaat uit deze rapportage d.d. juni 2003:

 

Schets van de situatie:

Zoals U hierboven al heb kunnen lezen, gaat het hier over een gezin waarin vele problemen een rol spelen. Een kind met PDD-NOS, gedragsprobemen en traumatische ervaringen waardoor het kind ernstig gefrustreerd is geraakt. Een moeder die zich met hart en ziel voor haar kind inzet. maar geen hulp krijgt van de aangewezen instanties. Moeder en kind lopen op de toppen van hun tenen. Een gezinssituatie die volledig geëscaleerd is en waarin dringend hulp nodig is.

 

Voorlopige conclusies en aanbevelingen:
- Z1992 staat psychisch onder grote druk. Mijns inziens(gezinsbegeleidster) komt zijn gedrag voort uit grote innerlijke frustratie over gevoelens en gebeurtenissen waar hij zich geen raad mee weet. Momenteel richt zijn agressie zich voornamelijk op materiële zaken, muren deuren en ramen.

 

 

Er zijn echter ook momenten dat hij zijn agressie lichamelijk op zijn moeder richt door te knijpen en te schoppen Verbaal richt hij zijn agressie voordurend op moeder.

- Ook moedér staat onder grote psychische druk. De situatie met Z1992 is zo ernstig dat zij hieronder dreigt te bezwijken. Moeder heeft dringend behoefte aan ondersteuning voor Z1992 en haarzelf.

- de buren hebben inmiddels gedreigd de politie te bellen als Z1992 zich wederom misdraagt.

- Moeder heeft ondersteuning van één van haar zussen (de anderen wonen ver weg). Ook haar vrienden wonen te ver weg. Moeder heeft verder geen sociaal netwerk waarop zij kan terugvallen. Momenteel adviseer ik (gezinsbegeleidster) een tijdelijke uithuisplaatsing die gebruikt wordt om de juiste hulpverlening op gang te krijgen."" einde citaat.

 

Eind juni 2003 is deze hulp gestopt mede omdat de problematiek in het gezin dermate gecompliceerd is dat hulpverlening vanuit de deskundigheid vanuit dit bureau op het gebied van autisme hierin onvoldoende kan bieden.

Moeder geeft in deze situatie duidelijk aan aan het eind van haar latijn te zijn, evenals Z1992. Er moet met spoed een crisisuithuisplaatsing gerealiseerd worden, waarbij het wenselijk is dat er gelijktijdig observatie en diagnostiek kan plaatsvinden teneinde een duidelijk behandeladvies te krijgen.

Gezinsvoogd heeft een indicatie aangevraagd bij het LClG en dit besluit is afgegeven op 4 juli 2003, waarbij duidélijk wordt aangegeven dat de gevraagde hulp met spoed moet worden ingezet. Ondanks intensieve inzet van de diverse disciplines binnen Bureau Jeugdzorg. Provincie Noord-Brabant, Zorgkantoor en Spd waarbij diverse instellingen benaderd zijn is er nog geen plaatsing gerealiseerd Gezinsvoogd heeft wekelijks telefonisch contact met Saltho om de crisisplaatsing actueel te houden. De verwachting is dat er gedurende de zomervakantie geen plek vrij komt.

 

Ter overbrugging is er nu gedurende de vakantieperiode crisisinterventie in het gezin, waarbij er drie keer per week door de betreffende hulpverlener een activiteit met Z1992 wordt ondernomen om moeder te ontlasten, een druppel op een gloeiende plaat in deze schrijnende situatie.

Gezinsvoogd heeft Z1992 inmiddels ook aangemeld voor een observatieplaatsing binnen Saltho. Hier is Z1992 inmiddels besproken en komt in aanmerking voor de sector onderzoek en specialistische behandeling. Er wordt een intake gepland; wachttijd voor plaatsing minimaal 6 maandc3n.

 

* zicht op de: school-ontwikkelingen van Z1992.

 

Bij een onderzoek van 27 augustus 2002 neemt de pedagoge van De zonnewijzer de Wisc RN af en komt tot een Verbaal lQ van 75, een performaal IQ van 62 en een totaal 10 van 65; VBIQ 76, RIIQ 61 en CIQ 75. School heeft op verschillende momenten gedurende het afgelopen schooljaar aangegeven dat zij zich grote zorgen maken om Z1992: Z1992 staat voortdurend onder grote psychische druk. Het gedrag zoals Z1992 dit de laatste tijd thuis laat zien (gedragsproblemen, agressie tegen zekere  personen, tegen zichzelf, seksuele getinte opmerkingen en gedragingen worden op school niet herkend.

 

 

 

*           ouders staan, letterlijk en figuurlijk., toe dat hulpverlening aan Z1992 kan
           plaatsvinden. Zowel vader als moeder vinden dat Z1992 hulpverlening nodig
           heeft en derhalve eerst goed onderzocht
moet worden

Als de uithuisplaatsing geeffectueerd is, kan duidelijk worden in hoeverre beide ouders deze daadwerkelijk kunnen ondersteunen

 

 

 

4.2. Evaluatie van de doelen van de maatregel

 

De pedagogische gezagsrelatie is hersteld

Bij moeder is er momenteel geen sprake van gezag. Moeder heeft geen draagkracht meer om Z1992 op een positieve, afgestemd op zijn kindeigen problematiek, manier aan te sturen en te ondersteunen.

 

De opvoedingssituatie is hersteld of aanvaardbaar geworden

 

De opvoedingssituatie is onaanvaardbaar. Z1992 wordt ernstig bedreigd in zijn ontwikkeling.

Het lukt moeder niet om een gestructureerde veilige opvoedingssituatie te realiseren voor Z1992 waardoor het gedrag, voor dit structuurbehoeftige kind, voordurend in een negatieve spiraal raakt, waardoor ernstige escalaties ontstaan.

Zowel moeder, als familie van moeder en buurtgenoten geven herhaaldelijk telefonisch aan de gezinsvoogd aan dat de situatie van moeder en kind onhoudbaar is. Z1992 terroriseert zijn directe omgeving en de buurt. De situatie escaleert voortdurend.

 

 

5.  Hulpverleningsplan

 

5.1. Diagnosestelling

 

Z1992 is een tien-jarige jongen, PDD-NOS gediagnosticeerd, met daarmee samenhangend angstig gedrag, onvermogen om zich in anderen te verplaatsen, grote behoefte aan duidelijkheid en het voorstructureren van situaties.

Z1992 bezoekt het speciaal onderwijs. Hij heeft een didactische achterstand van twee jaar. (bron Raadsrapport nov. 2001 ).Een grote afleidbaarheid en een beperkt concentratievermogen zorgen voor een kleine aandachtsspanne en een grote behoefte aan stucturering. Cognitief functioneert Z1992 zwak:

Verbaal IQ 75, Performaal IQ 62 en Totaal la 65 ( onderzoek 27 augustus 2002>. Er is sprake van forse sociaal-emotionele problematiek.

Z1992 woont na de scheiding van zijn ouders, die beiden het gezag hebben, bij zijn moeder. Vader heeft geen omgangsregeling met zijn zoon; er loopt een raadsonderzoek m.b.t. de omgang en het gezag. Moeder heeft het éénhoofdig gezag aangevraagd.

Z1992 is zeer loyaal naar moeder. Onduidelijk is in hoeverre Z1992s angst voor vader door moeder geïndiceerd wordt, Het gedrag van vader, waarin deze zich opdringt aan Z1992 en zijn omgeving, speelt daarbij een grote rol.

 

 

Stressfactoren in zijn omgeving vergroten het klachtgedrag van Z1992.

Zowel school als moeder signaleren dat er sprake is van oplopende spanning bij Torari: Z1992 staat


psychisch onder zeer grote druk, er is veel boosheid, onrust in zijn hoofd, agressieve benadering van klasgenootjes.Thuis vertelt Z1992 niet leeftijds-adequate, seksueel getinte verhalen, op school heeft Z1992 deze verhalen ook op papier gezet. Z1992 heeft angst voor vader.

 

Het ontbreekt Z1992 al gedurende langere tijd (twee jaar) aan adequate hulpverlening voor zijn kindeigen problematiek en de verwerking van de traumatische gebeurtenissen in zijn leventje. Binnen het juridisch kader waarin beide ouders met gezag belast zijn en de conflictueuze ouder relatie is er geen enkele instelling bereid om Z1992 hulpverlening aan te bieden

 

Ouders zijn niet in staat om ruimte te maken voor de andere ouder waardoor er bij Z1992 sprake is van gevoelens van onveiligheid en loyaliteitsproblematiek. Dit speelt in verhevigde vorm nu de omgangsregeling met vader aan de orde is.

Moeder kan Z1992 onvoldoende steunen hierin door haar eigen negatieve ervaringen met vader in het verleden. Moeder kan dit niet scheiden.

Vader kan Z1992 geen rust en veiligheid toestaan in de opvoedingssituatie bij moeder.

 

Hij moet zich in de leefwereld van Z1992 opdringen; ziet zichzelf daarbij als de aangewezen opvoeder van Z1992 en gaat daarbij voorbij aan hetgeen zijn zoon nodig heeft voor zijn verdere ontwikkeling.

Er is momenteel sprake van een zeer ernstige crisissituatie in het gezin. Zowel moeder als Z1992 zijn aan het eind van hun latijn.

Z1992 laat forse gedragsproblematiek zien, is agressief naar spullen, moeder en zichzelf, is niet aanspreekbaar en corrigeerbaar door moeder op zijn gedrag.

Moeder is niet meer in staat Z1992 adequate begeleiding en ondersteuning te bieden.

 

5.2. Visie van de betrokkenen op de probleemsituatie en de in te zetten hulp

 

Momenteel is er zeer ernstige crisis in het gezin bij moeder. Moeder geeft al enkele weken aan dat er acuut een uithuisplaatsing voor Z1992 moet worden gerealiseerd, moeder en Z1992 zijn aan het eind van hun latijn.

 

Vader:

Vader is van mening dat nu er, vanuit de crisisituatie bij moeder, een reele optie ligt om Z1992 bij hem te plaatsen; vader schat in dat terugplaatsing in zijn eigen vertrouwde omgeving een positief effect zal hebben op Z1992 en zijn gedrag.

Verder geeft vader aan dat, indien plaatsing bij hem door ons niet als optie wordt gezien, hij een uithuisplaatsing kan ondersteunen

 


5.3. Overwegingen t.a.v. de hulpverlening

 

Vanaf de aanvang van de ots is er, ondanks de intensieve inzet van de gvi, geen reguliere omgang tot stand gekomen tussen vader en Z1992.

 

 

Dit is het gevolg van de conflictueuze relatie tussen ouders als gevolg van de echtscheiding, waardoor alle pogingen hiertoe werden geblokkeerd.

Gezinsvoogd heeft bemiddeld voor omgang in het Omgangshuis in Tttttt (Gggg). Hiervan is geen gebruik gemaakt. Inmiddels is de omgang van vader met Z1992 opgeschort en is de Raad voor de Kinderbescherming bezig met een onderzoek naar de omgang en gezag.

Voor vader is dit een onacceptabele situatie en probeert via diverse instanties omgang te bewerkstelligen.

Onder andere via school wil vader graag contact met Z1992. School heeft her-haaldelijk. aangegeven aan vader dat zij niet verantwoordelijk zijn en geen verant-woordelijkheid kunnen nemen voor het tot uitvoering brengen van de omgangregeling

tussen vader en zoon.

 

Ondanks afspraken tussen de schoolleiding en vader en de aanwijzing van de gvi gericht op een veilige schoolsituatie voor Z1992 lukt het vader niet om zich aan de gemaakte afspraken te houden en de aanwijzing op te volgen. School geeft her-haaldelijk aan dat dit grote onrust op school bij Z1992, andere leerlingen en leerkrachten te weeg brengt.

In een schrijven van school d.d. 23 juli 2003 aan vader geeft school opnieuw schriftelijk aan dat het gedrag van vader en de benadering van vader naar de directie onacceptabel is. (vader heeft tijdens het afgelopen weekend (19 juli 2003) voortdurend telefonisch contact gezocht met de directie van school. De directeur heeft vader te woord gestaan en aangegeven dat vader op maandag terug kan bellen. Desondanks heeft vader nog meer dan 20 keer geprobeerd de directeur te bellen, de laatste poging rond 12.00uur middernacht.

 

Vader is grenzeloos in zijn benadering van instanties waaronder de gvi. Vader benadert de gv. telefonisch zeer frequent , soms meerdere malen per dag. Vader ervaart de informatie vanuit de gvi als onvoldoende stelt voortdurend dezelfde vragen en beschuldigt de gv van het verstrekken van valse informatie en misleiding. De communicatie tussen vader en de diverse instellingen (waaronder school en gvi) verloopt zeer moeizaam. Zowel schriftelijke als mondelinge informatie die veelvuldig aan vader wordt verstrekt, wordt door vader onjuist geïnterpreteerd.

 

De gvi wordt in ernstige mate overbelast door het voortdurend appèl dat vader doet op de gezinsvoogd. Daarnaast zoekt vader erkenning van zijn problematiek op politiek niveau (zowel landelijk als provinciaal), via de media en belangenverenigingen zoals Sos Papa en de nationale ombudsman. Ook deze instellingen benaderen regelmatig de gvi waardoor de feitelijke werkbelasting ver buiten proporties is. Daarnaast wordt de gvi overbelast met diverse juridische procedures, waaruit vele intensieve overleggen op diverse niveaus plaatsvinden. Intern zal er binnen onze instelling gekeken moeten worden hoe structureel met deze en soortgelijke situatie om te gaan.

Intussen is in de laatste weken/maanden de spanning in de thuissituatie dermate opgelopen dat zowel moeder als Z1992 ten einde raad zijn.

 

Moeder is niet meer in staat om op een adequate manier om te
gaan met het gedrag van Z1992, waarop de gedragsproblematiek steeds ernstiger vormen aanneemt waarbij er sinds enkele weken een situatie is ontstaan die voor iedereen onacceptabel

 

 

is. Ook de directe woonomgeving van moeder geeft aan dat het woongenot van de buurt ernstig bedreigd wordt. Als gevolg van het tekort aan plaatsingmogelijkheden staat Z1992 nu al bijna vier weken op de wachtlijst voor een crisisplaatsing binnen Saltho.

 

Ondanks inzet en betrokkenheid van diverse instanties lukt het niet om een passende plek te realiseren. Door het ontbreken van plaatsingsmogelijkheden kan de gvi in deze haar beschermende taak niet tot uitvoering brengen: een zeer schrijnende en onacceptabele situatie.

 

Vader zal in deze ook niets kunnen betekenen aangezien hij in Z1992s beleving verweven is met grote angst en onveiligheid.. dit is Z1992s beleving en staat los van waarheidsbevinding t.a.v. hoe dit ontstaan is en wie daarbij een rol heeft gespeeld of verantwoordelijk voor is.

 

De gvi realiseert zich dat alle juridische maatregelen om een rustige, veilige opvoedingsomgeving voor Z1992 te realiseren niet kunnen voorkomen dat vader, vanuit zijn behoefte aan contact met zijn zoon zich zal blijven manifesteren.

 

Er zal op zeer korte termijn een crisisplaatsing moeten worden gerealiseerd, waarna observatie en diagnostiek plaats kan plaatsvinden en er passende behandeling kan starten.

Intussen vindt er crisisinterventie plaats in het gezin, waarbij de g.v. vader niet heeft geïnformeerd over de personalia van de betreffende gezinswerker.

 

G.v. schat in dat dit de continuiteit van deze hulp in gevaar brengt: vader heeft aangegeven dat hij graag contact wil leggen met deze persoon om zijn visie op het ontstaan van de huidige problematiek te geven. In eerdere situatie heeft dit geresulteerd in het afbreken of het zelf niet in gang zetten van hulpverlening voor Z1992 en moeder.

G.v laat het belang van continuiteit van hulp in de huidige crisisvolle thuissituatie prevaleren boven volledige informatie en legt hierdoor prioriteit bij de belangen van Z1992.

 

 

5.4. Doelstelling van de hulpverlening

 

* crisisplaatsing van Z1992 in een 24-uurs setting

 

* Observatieplaatsing van Z1992 resulterend in een behandelplan dat aansluit bij de ontwikkelingsmogelijkheden van Z1992.

 

* ouders ondersteunen de uhp van Z1992 en hebben hun persoonlijke problemen in de mate onder controle dat ze geen belemmering zijn voor de positieve ontwikkeling van Z1992

 

* het is helder OF en zo ja WELK contact gewenst is tussen Z1992 en moeder, tussen Z1992 en vader Dit is in een duidelijk traject neergezet.

 

 

5.5. Indicatiestelling

 

-           crisisinterventie door de SPO in het gezin ter overbrugging van de wachttijd ivm
           uithuisplaatsing

-           plaatsing in een 24 uurs crisisopvang, aansluitend op het cognitief niveau en de
            kindeigen problematiek van Z1992.

-           observatie-onderzoek van Z1992 in een 24-uurs setting.

-           ouders zoeken hulpverlening voor het omgaan met de huidige situatie en hun
           eigen problematiek

 

 

5.6. Werkplan

 

 

*           Moeder en Z1992 komen hun afspraken mbt hulpverlening in het kader van de
           crisisinterventie na

*           G.v. onderhoudt wekelijks contact met Saltho om de crisisplek actueel te
           houden.

*           Moeder wendt zich tot de hulpverlening voor verwerking van haar eigen
           problematiek.

*           Vader wendt zich tot de hulpverlening om ondersteunig en begeleiding te
           krijgen in het omgaan met deze moeilijke situatie

 

 

 

5.7. Overleg met de belanghebbenden

 

Is nog geen overleg geweest. De laatste twee doelen (onder doelstelling van de hulpverlening) zijn nog niet door de g.v. met ouders besproken, komen nog aan bod.

concept wordt toegestuurd aan ouders op ii juli 2003. eveneens gaat er een concept naar de raad. Er zullen accoordverklaringen worden meegestuurd met verzoek om ondertekening en terugzending.
Ouders kunnen schriftelijk reageren op dit concept plan tot uiterlijk augustus 2003.

Dit plan zal de g.v. nadat er een eerste bespreking is geweest met de gedragswetenschapper opnieuw aan de gedragswetenschapper ter goedkeuring voorleggen.

 

Reactie van zowel ouders als g.w. zal meegenomen worden in de rapportage.

 

 

Dit gezinsvoogdijplan is opgesteld door Gezinsvoogd en vastgesteld in het hulpplanteam. De evaluatie van dit gezinsvoogdijplan vindt plaats voor:

 

 


Nadere toelichting op de reactie

 

 

In de rapportage ontbreekt een verantwoording van de regie-functie die de gezinsvoogd kennelijk vervult, zonder dat deze in een interne of externe taakstelling werd gesteld.

Vader ondervindt deze niet beschreven en veelal onzichtbare regie, als een inbreuk op, of zelfs een schending van zijn gezag. Blijkbaar heeft de gezinsvoogd zich haar grensoverschriijdende optreden gerealiseerd. De manier waarop zij echter dit probleem probeert op te lossen is een Procrustische, namelijk door dit probleem op maat te snijden voor de oplossing die zij heeft. In casu manifesteert zich dit in haar pogen om vader uit het gezag te doen zetten. Vader beschikt over oude, interne notities van Bureau Jeugdzorg, waaruit de actieve betrokkenheid van de voogd zonneklaar blijkt.

Illustratief voor dit regisseren is ook de wijze van totstandkoming van de schriftelijke aanwijzing die aan vader werd gegeven. Ondanks herhaalde verzoeken van vader is de gezinsvoogd in gebreke gebleven de achtergronden daarvan, of de aanleiding daartoe, op te helderen. Zij verwijst vader naar de leiding van de school van Z1992, die echter op haar beurt vader naar de gezinsvoogd verwijst.

Uiteindelijk legde vader de hand op stukken waaruit blijkt dat de gezinsvoogd de schoolleiding heeft opgedragen om het dossier te schonen alvorens het aan vader ter inzage zou worden gelegd. Vader beschouwt dit gedrag als een schending en minachting van zijn gezag.

Het verslag loopt over van herhalingen en contradicties, het deskundige gehalte van veel opinies en beweringen is hoogst twijfelachtig (gedragswetenschappers werken niet bij BJZ)

 

Rondom Z1992 intussen verslechtert de situatie permanent en in toenemende mate. Wanneer dat mogelijk is wordt vader – al ruim twee jaar zonder omgang - als zondebok opgevoerd, en als oorzaak van de problemen waarvan hij zelfs meestentijds onwetend wordt gehouden. Het is al meer dan een jaar een bewuste strategie van de gezinsvoogd om vader onwetend te houden omtrent zekere ontwikkelingen. Ook dat blijkt immers uit de stukken waarop vader de hand legde.

 

Al met al is vader van mening dat bij de verlenging van de ondertoezichtstelling door de rechtbank een duidelijke afbakening van de opdracht dient te worden gemaakt, en tevens dat het deel van het voogdijwerk dat vader het meest raakt – het begeleiden van de omgang – als een serieus te nemen opdracht wordt gesteld.

In dat verband is het saillant dat in de rapportage in alle talen wordt gezwegen van de dwangsom van EU 10.000,- per keer die Bureau Jeugdzorg verbeurt wanneer het in gebreke blijft de omgang naar behoren te organiseren.

Vader startte dit kort geding overigens pas nadat de gezinsvoogd hem min of meer laatdunkend te verstaan had gegeven dat de zojuist vastgestelde begeleide omgangsregeling was vastgelegd in een tussenbeschikking waarvan hij “toch niet in beroep” kon.

 

Vader voelt zich vogelvrij, tegenover de gezinsvoogd. Elke poging om iets te weten te komen over het welzijn van zijn zoon – die twee jaar geleden blijkens een ooggetuige door moeder met harde hand werd thuisgehouden toen hij naar de verjaardag van zijn vader wilde – wordt beloond met een verdachtmaking en nieuwe blokkades.

Vader rapporteerde dat in moeders familie depressies en suïcide voorkomen. In het rapport wordt deze oorsprong van problemen genegeerd.

Hoe onterecht dit alles bewijst het voorliggende rapport: het kind in kwestie wordt alleen maar ongelukkkiger en functioneert slechter naarmate vader verder uit beeld wordt gedwongen.